Gelaagd kleinood over de waarde van meertaligheid
Lisette Ma Neza had mijn hart al gestolen met haar prachtige stem waarmee ze zingt en in de eerste plaats krachtige slam poetry brengt. Haar performances zijn zowel ontroerend als hartverwarmend. Op haar 15de bracht ze al haar poëziedebuut uit. In maart dit jaar was er dan haar eerste boek: een persoonlijk filosofisch essay in de serie Karakters bij Academia Press. Het boekje draait in feite om de vraag wat het betekent om in meerdere talen tegelijk te leven, en in geen van die talen helemaal thuis te zijn.
Zelf is Ma Neza opgegroeid in een mengeling van Kinyarwanda en Frans via haar Rwandese ouders die gevlucht waren naar Nederland, en ging ze naar school in het Nederlands, waar ze ook Engels leerde. Ze studeerde in Brussel en bleef er plakken, zo kreeg ze er ook nog een Vlaams accent en Vlaamse woorden bij. Ze probeert zichzelf ook te bekwamen in het Portugees.Beginnen doet ze met het korte verhaal ‘Moddertaal’ waarin ze verslag doet van haar bezoek in 2025 aan haar grootmoeder in Rwanda. Die laatste vertelt haar hoe ze de Igishanga moet oversteken om veilig in de hoofdstad Kigali te raken, een drassig gebied waarin een zandpad is aangelegd om doorheen te kunnen wandelen. Lisette kan het woord niet vertalen. Zo komt ze wel op het woord 'moddertaal’, een taal die transfereert van de ene naar de andere, afhankelijk van in welke context en situatie je die taal hebt geleerd, en waardoor je in bepaalde contexten de voorkeur geeft aan de taal die je daarvoor altijd het meest gebruikt hebt. ‘Saudade’, een bekend Portugees woord, voel je volgens haar als je heimwee hebt naar een persoon en die al mist, ook als je er nog samen mee bent.
De woorden waar Lisette over mijmert, en welke betekenissen ze eraan geeft, en ook hoe ze zelf nieuwe woorden maakt, zijn een ware gift voor de taalliefhebber onder ons. Haar observaties zijn to the point, en haar pleidooi om in Brussel de vele talen die er broeien en bloeien onder de vele schoolklassen en bevolking in het algemeen niet verloren te laten gaan door de focus te leggen op het verwerven van de Nederlandse of Franse taal, getuigt van een gloedvol engagement. Dat beperkt eerder de kansen van een persoon door hen niet talig genoeg te maken dan hen te helpen.
Het verhaal van Nour, een Libisch meisje dat Ma Neza ontmoet in het kader van een theaterproject in Antwerpen, is wel het ontroerendste: tijdens een rollenspel kan Noor met Lisette spreken omdat ze dan Olifant en Duif zijn. Maar nadien klapt Nour dicht, en praat ze niet meer met haar net zoals in het geval van al haar andere juffen. Lisette probeert te weten te komen waarom. Blijkt dat Nour gepest is geweest op school en dat ze geen enkele steun heeft gevonden in haar juffen die dit wel hadden moeten geven. Thuis was voor haar nog de enige veilige haven om te praten. De juffen ontbrak het aan talent in het luisteren. Nochtans kon Lisette met Nour werken en communiceren door middel van ogen, handen, gebaren, en dat is toch óók taal, hetzij niet-verbale taal.
Lisette laat doorheen dit briljante kleinood blijken wat de waarde is van meertaligheid en heeft oog voor de vele nuances van woorden die dikwijls onvertaalbaar zijn, en waardoor talen op hun grenzen botsen. Er zijn ook gedichten in opgenomen, waaruit haar relatie met “haar talen” blijkt.
Met dit vers eindigt dit prachtige poëtisch-filosofische essay:
‘Mijn moedertaal is vertalen
Tellen in het Kiswahili
Wenen in het Kinyarwanda
De liefde bedrijven in het Engels.
Schelden in het Frans.
Dansen in het Portugees
En dichten
in het Nederlands’
Titel: Onvertaalbaar. Een ode aan meertaligheid
Auteur: Lisette Ma Neza
Uitgever: Academia Press
Jaar: 2026

