Zoeken in deze blog

09 april 2026

Gelezen januari - maart 2026

Wat ik las in januari, februari en maart 


Er was een tijd dat ik bijna constant las als ik eenmaal thuis was. Dat is de laatste twee, drie jaren wel veranderd. Toch lees ik af en toe nog eens een boek, en bespreek ik er af en toe zelfs nog één. Veel minder moet ik toegeven. 
In de plaats daarvan zijn er meer bezorgdheden en verplichtingen bijgekomen, maar ook andere activiteiten en mooie dingen die een mens goed doen. Toegegeven, de mangelende concentratie door de constante pings op mijn GSM en de overprikkeling door mijn sociale media met de crisissen van deze wereld erbovenop doen mij ook echt geen goed.  

In de eerste drie maanden van dit jaar las ik drie heel verschillende romans en twee onvergelijkbare, ontwrichtende dichtbundels


 

Drijven van Myrthe van Velden en Lander Severins: 
Soms spreiden artiesten hun gave van het woord over verschillende genres heen. Myrthe van Velden en Lander Severins zijn zo een duo. Al op jonge leeftijd mochten ze al proeven van het succes met maar liefst drie cabaretshows die een massa volk naar het theater hebben gelokt en hun nominatie in 2021 voor de Neerlands Hoop Cabaretprijzen. Hun debuutroman "Drijven" is een pakkend en humoristisch verhaal in boekvorm net als bij hun theatershows. Een heel realistisch en vlot verhaal om te lezen. Meer lees je in mijn boekbespreking. 

Mythen en stoplichten van Alara Adilow:  

Wat een krachtige sterke stem, die Alara Adilow! Oppassen geblazen voor dit speciale poëziedebuut dat erg de moeite waard is. Over verlies, trauma, wonden proberen te helen, gelaagde identiteiten, vrouwen die strijden voor zichzelf,..

District & Circle van Seamus Heaney: 

Dit zijn twee bundels in een tweetalige versie - nee, geen écht Iers oftewel Gaeilge natuurlijk - van deze Noord-Ierse Nobelprijswinnaar samengebracht. Hoewel best ingewikkeld heb ik deze bundel niet opgegeven. De gedichten waren heel verhalend en schepten een bepaalde sfeer, veel oudere woorden begreep ik zelfs niet in het Nederlands maar toch bleef dit boeiend. Dit was totaal iets nieuws ten opzichte van wat ik meestal lees. De Antwerpse bibs zijn steeds verrassend! 

De Damiaanhoeve van Chris De Stoop:

De Damiaanhoeve van de diepgravende journalist/auteur Chris De Stoop was een eerder afstandelijk en droog literair true crime verhaal dat zich afspeelt in de Maasvallei waar er eind de jaren '90 - begin 2000 à volonté ontgrind wordt. Ik werd er niet warm van.

Weduwenspek van Monika van Paemel:

Ik las en besprak met de Merksemse Leesclub het boek Weduwenspek, een roman van Monika barones van Paemel uit 2013. Een hele kluif en er was weer heel wat te bespreken. Hier vind je mijn leeservaring. 

Mijn bijdragen aan de website antwerpenleest.be zijn nu ook op mijn blog te vinden. Zo schreef ik artikeltjes over de Startshow van de Poëzieweek op 28 januari, de uitreiking van de Herman de Coninckprijs op 21 maart en een nieuw boek over de geschiedenis van het Antwerpse Instituut voor Tropische Geneeskunde, "Het Instituut voor Tropische Geneeskunde – Van tropenschool tot wereldinstelling."

Op literair vlak bezocht ik daarnaast nog Saint Amour in februari, de Straffe Vrouwenavond van de Merksemse bibliotheek, een lezing over literatuur uit Gaza mét Gazaanze auteurs in Antwerpen in maart, en op de valreep ook al in april de enthousiasmerende boekvoorstelling van Fleur Pierets over haar nieuwste fictieboek "Als alles goed gaat". Er is nog zoveel te lezen, te bekijken, te beluisteren, te ontdekken.

Nog een geweldige tip waardoor je naar een prachtig verhaal kan luisteren: de twee seizoenen van de geweldige podcast De kunst van het verdwijnen van Bart Van Nuffelen en Lucas Derycke van theatergezelschap Martha!tentatief op VRT Max of Spotify.   

Tot de volgende keer!  

05 april 2026

Nieuw boek over de geschiedenis van het Instituut voor Tropische Geneeskunde (ITG)

Artikel op antwerpenleest.be op 3 april 2026

Boekcover
© Instituut voor Tropische Geneeskunde, Antwerpen


Er zijn gebouwen die geschiedenis uitademen. De inkomhal van het Instituut voor Tropische Geneeskunde (ITG) aan de Nationalestraat in Antwerpen is zo’n plek. Loop er binnen en je stapt een aparte wereld binnen.

In 2026 is het de 120ste verjaardag van het ITG, een gelegenheid om de transformatie van een koloniaal instituut tot een academische hoog aangeschreven onderzoeksinstelling in de kijker te zetten.

Arts en adjunct-diensthoofd van de polikliniek Ludwig Apers beschrijft in het boek “Het Instituut voor Tropische Geneeskunde – Van tropenschool tot wereldinstelling” de geschiedenis van het ITG. Een vlot leesbare en boeiende wandeling door de knap aangelegde tuinen, het iconische art-deco gebouw en het voormalige 17de eeuwse kartuizerklooster in de Sint-Rochusstraat, omgebouwd tot een levendige campus voor vele internationale studenten. Tijdens die wandeling krijg je verhalen van talloze mensen die zich ooit met hart en ziel voor het ITG inzetten of nog steeds doen. Deze verhalen zijn rijkelijk gestoffeerd met foto’s uit het uitgebreide beeldarchief van het instituut.


© Ludwig Apers - Instituut voor Tropische Geneeskunde, Antwerpen

Daarnaast gaat het boek over wat lange tijd onuitgesproken bleef, de verwevenheid met het voormalige Belgisch Congo, over de toenmalige zucht naar exploratie en exploitatie van dat grote merengebied. “Zonder de kolonie was er geen instituut geweest,” schrijft Ludwig, “en toch is dat koloniale verhaal nooit beschreven.” Zijn boek is een inhaalbeweging, waarin het huidige ITG een spiegel wordt voorgehouden, en de lezers worden uitgenodigd om mee te kijken. Het heden en verleden van het ITG zijn onvermijdelijk gelinkt aan elkaar.


© Instituut voor Tropische Geneeskunde, Antwerpen

De School voor Tropische Geneeskunde werd in oktober 1906 opgericht door Leopold II in een villa in Brussel. De kliniek voor Tropenziekten werd ondergebracht in de Villa Coloniale in Watermaal-Bosvoorde. Dit was uit noodzaak, niet uit liefdadigheid. Heel wat kolonialen die naar Congo-Vrijstaat trokken, stierven immers binnen de tien jaar aan onbekende ziektes. Artsen en verpleegkundigen werden opgeleid zodat de uitbuiting verder kon worden gezet. Tegelijk was dit een medisch project en een pr-stunt waarmee Leopold II zijn internationale reputatie probeerde op te poetsen nadat er al heel wat verslagen van zijn vernietigende beleid in Congo waren verschenen.


© Instituut voor Tropische Geneeskunde, Antwerpen

In het gebouw zijn bepaalde kunstwerken weggehaald en naast de grote muurschilderingen in de monumentale trappenhal, geschilderd door Fernand Allard l’Olivier, zijn er QR-codes aangebracht om de context te schetsen. Hij toonde het exotisme van Afrika en zijn werken waren onderdeel van de destijdse koloniale propaganda. Het zijn kleine ingrepen in een groot gebouw. Het boek gaat ook over de vraag die op vele plaatsen in België en wereldwijd wordt gesteld: wat te doen met erfgoed dat getuigt van deze erg pijnlijke geschiedenis?


© Instituut voor Tropische Geneeskunde, Antwerpen


Het boek gaat verder ook over hoe het ITG is ontstaan in die context en verder is geëvolueerd.

Na de onafhankelijkheid van Congo in 1960 belandde het ITG in een existentiële crisis. De bestaansreden van het instituut leek weggevallen. Er werd vervolgens ingezet op ontwikkelingshulp. Artsen, veeartsen en verpleegkundigen uit Afrika, Azië en Latijns-Amerika werden uitgenodigd er te komen studeren.

Nog later kwam de switch naar wederzijdse capaciteitsversterking en academische uitwisseling met partnerinstituten. Studenten van over de hele wereld komen nu aan het ITG cursussen volgen rond gezondheidsbeleid, tuberculose, hiv, moeder- en kindzorg, epidemiologie, biomedische wetenschappen, labotechniek, enz. De cursussen willen echte uitwisseling mogelijk maken door studenten aan te trekken uit zoveel mogelijk verschillende landen.



© Instituut voor Tropische Geneeskunde, Antwerpen

Er werken ongeveer 500 medewerkers voor het ITG: onderzoekers, labotechnici, onderwijspersoneel, beleidsmedewerkers, administratief en technisch personeel ... 13 referentielaboratoria zijn nationaal en supranationaal erkend, onder andere door de Wereldgezondheidsorganisatie (WHO), om een waaier aan parasitologische, bacteriologische en virale aandoeningen vast te stellen, zoals slaapziekte, hiv, of tuberculose.


© Instituut voor Tropische Geneeskunde, Antwerpen

Lokaal is het ITG vooral gekend voor haar polikliniek, waar het reizigers verwelkomt die vaccins willen vooraleer ze naar verre oorden vertrekken. Sommigen komen met bepaalde symptomen terug na hun vakantie, en zijn doorgestuurd naar het ITG voor een diagnose, gaande van malaria via dengue tot chikungunya.

Peter Piot, die tijdens zijn ITG-carrière ebola in kaart bracht samen met zijn Congolese partners, ging zich in 1979 richten op soa’s. Hij richtte zijn eigen soa-kliniek op, wat initieel begon met een aparte ingang en consultaties na de openingsuren, want het mocht niet te openlijk. Nadat in de jaren 1980 het hiv-virus werd ontdekt, werd deze afdeling sterk uitgebreid. Nu telt de hiv/soa-kliniek zo’n 12.000 patiënten per jaar. Hiv kan inmiddels dankzij medicatie onder controle gehouden worden, maar personen met hiv worden nog steeds levenslang opgevolgd. Het aantal nieuwe hiv-infecties is echter niet noemenswaardig afgenomen en, integendeel, weer in stijgende lijn. Hiv/aids blijft een van de belangrijkste onderzoekslijnen van het ITG.

Piot groeide uit tot wereldvermaard expert op het vlak van hiv/aids, was o.a. voormalig directeur van het UNAIDS-programma van de Verenigde Naties, en directeur van de Britse tegenhanger van het ITG, de London School of Hygiene & Tropical Medicine. In 1995 kreeg hij de Belgische adellijke titel van baron toegekend.
In 2025 kreeg de vorige directeur van het ITG, Lut Lynen, als dank voor haar vele maatschappelijke verdiensten eveneens de titel van barones toegekend.

Verschillende generaties ITG-alumni uit alle continenten zetten zich wereldwijd in voor het uitroeien van verwaarloosde tropische ziekten en het bevorderen van gezondheid wereldwijd. Het ITG heeft gedurende al die jaren ontelbare samenwerkingsverbanden met universiteiten en onderzoeksinstellingen opgebouwd om volksgezondheid wereldwijd te versterken, academisch te excelleren en maatschappelijk relevant te blijven.


© Instituut voor Tropische Geneeskunde, Antwerpen

Over al deze mensen en nog veel meer lees je in dit boek “Het Instituut voor Tropische Geneeskunde – Van tropenschool tot wereldinstelling”. Je krijgt een inkijk in wat er allemaal achter de dikke muren van dit 120 jaar oude gebouw gebeurd is, en wat er vandaag allemaal gebeurt. In dit jubileumjaar komen er nog activiteiten, zoals een Opendeurdag in mei en in het laatste kwartaal van 2026 een grote expo over 50 jaar ebola-onderzoek.

Het boek werd op 17/3/2026 voorgesteld voor een volle aula met collega’s, ex-collega’s en vrienden van het ITG. Als startpunt was er een paneldiscussie met voormalig directeur Lut Lynen, communicatieverantwoordelijke en mede-auteur van Nico Van Aerde, politicologe en auteur Nadia Nsayi, en vanuit Erfgoed Sint-Andries Gabriëlle Guldix.

Boekcover Engelse editie
Het boek is ook beschikbaar in het Engels. 


















__________________________________________________________________________

Ludwig Apers studeerde af als arts aan de Universiteit Gent en specialiseerde zich in tropische geneeskunde aan het ITG. Hij werkte meerdere jaren als arts in Zimbabwe en behaalde een master in de volksgezondheid. Sinds 2002 is hij verbonden aan het ITG, waar hij zich toelegt op hiv/soa-zorg en lesgeeft in postgraduaatopleidingen. In 2008 promoveerde hij tot doctor. Naast zijn wetenschappelijk werk, met tal van publicaties op zijn naam, schrijft hij ook fictie en non-fictie.*

Populaire blogs