Zoeken in deze blog

Posts tonen met het label Europese geschiedenis. Alle posts tonen
Posts tonen met het label Europese geschiedenis. Alle posts tonen

05 augustus 2026

Naar de haaien - Erich Kästner

Vlotte roman over een explosieve en schurende scharniertijd


De naam Erich Kästner (1899-1974) doet wellicht geen belletje rinkelen bij de doorsnee Vlaamse lezer. Oudere lezers die ooit jong waren, hebben misschien wel eens gehoord van zijn kinder- en jeugdboeken, zoals “Emiel en de detectives” (1929), of “Dubbele Lotje” (1949). Kästner was een Duitse schrijver, dichter en cabaretier. Deze roman voor volwassenen werd eerst gepubliceerd met als expliciete titel “Fabian, het verhaal van een moralist” en kwam uit in het jaar 1931. Hoewel de uitgeverij het al eerst gecensureerd had, kwam dit boek enkele jaren later door de Nazi’s nog op de brandstapel terecht. Zij vonden ook die editie “obsceen, decadent en getuigen van een gedegenereerde geest.” 

Ik stootte op de roman via een lijst met verboden boeken. Een Duitse vriendin vertelde me bovendien dat ze hem tijdens haar schooltijd had gelezen. Mijn nieuwsgierigheid was gewekt. Pas in 2013 werd dit boek in de originele versie in Duitsland uitgegeven onder de titel “Der Gang vor die Hunde”! Het jaar erop kwam deze vertaling uit door Maaike Bijnsdorp en Lucie Schaap. Ook is er een nawoord in opgenomen door de oorspronkelijke uitgeverij zowel als de auteur zelf. Het tweede is interessant, het eerste meer voer voor echte literatuurhistorici en – analytici.  

De Nederlandse titel is niet slecht gevonden: tussen de grote beurscrash van 1928 en het aan de macht komen van de nazi’s in 1933 ging de Duitse maatschappij naar de haaien, door een aantal haaien van mannen die er aan de macht kwamen en waarmee de hele wereld het te lang moest stellen. De vraag drong zich op of deze roman me ook iets kon vertellen over onze huidige scharniertijd.

Het boek geeft zowel een beeld weer van het Berlijnse nachtleven van de jaren ’20, als van het opgehitste gepolariseerde begin van de jaren ’30, waarin een fascistisch bruinhemd het op straat opneemt tegen een communistische arbeider.

Het leven van hoofdpersonage Jakob Fabian – ja, Fabian is zijn achternaam – is een type dat je niet snel zal tegenkomen. Hij heeft gestudeerd en in het begin van het verhaal werkt hij als tekstschrijver op een reclamebureau. Hij is niet op zijn mond gevallen en durft veel uithalen. Hij uit zich vooral met behulp van cynische humor over zijn job, zijn omgeving en de politiek van dat moment. Omdat hij niet veel inzet toont op dat werk van hem en steeds onverschillig lijkt te zijn, wordt hij ontslagen.

Daarna belandt hij in het Berlijnse uitgaansleven samen met zijn vriend Labude. Het is zijn vriend die hem meesleurt naar decadente feestjes en samen trekken ze doelloos door de rauwe brute kant van Berlijn. Enkele seksorgieën passeren de revue die in detail beschreven worden…  Op café leest Fabian, die nog wel de actualiteit volgt, de rondslingerende kranten, en zo blijf je als lezer toch ietwat op de hoogte van dit snel veranderende en explosieve tijdsgewricht in het Duitsland van toen.

Oorspronkelijk wilde Kästner zijn landgenoten een lesje in moraal leren, zie ook die eerste titel. Of dat echt gelukt is, valt te betwijfelen want bij veel Duitsers viel dit boek vlak na wat ze zelf hadden meegemaakt veel te rauw. De conclusies die Fabian trekt, die meer aan de linkerzijde van het politieke spectrum zit - en dus ook de auteur – hebben de nazi’s het boek in het vuur doen gooien. Fabian’s wereld is keihard en hoop draagt hij al zeker niet mee, of het beetje dat bij hem af en toe opflakkert, wordt al snel weer geblust. Eerst zit de armoede van die tijd vooral bij de mensen rondom hem, na het verliezen van zijn werk ervaart hij die zelf ook. Hij zou hulp kunnen vragen, maar dat doet hij categoriek niet. Het is niet anders dat hij niet gered kan worden aan het einde van het boek. Dat is ook de enige logica van dit verhaal.

Ondanks de zwaarte van het onderwerp leest de roman verrassend vlot. Kästners cynische humor, zijn scherpe observaties en zijn vloeiende pen houden het verhaal voortdurend in beweging en maken dit tot een ontluisterend tijdbeeld. 

Titel: Naar de haaien
Auteur: Erich Kästner
Vertalers: Maaike Bijnsdorf en Lucie Schaap
Uitgever: Lebowski
Jaar: 2014

10 april 2026

Waak over haar - Jean-Baptiste Andrea

Een overweldigend en terecht bekroond fresco van het 20ste eeuwse Italië


Boekcover

Een episch liefdesverhaal over de briljante leerling- beeldhouwer Mimo (Michelangelo) Vittaliani, geboren in een arme steenhouwersfamilie, en Viola Orsini, dochter van de belangrijke adellijke familie Orsini uit Genua: dit is het prachtige prijswinnende boek “Waak over haar” (Veiller sur elle) van de Franse auteur Jean-Baptiste Andrea.


Andrea sleepte zowel de prestigieuze Prix Goncourt als de Prix Fnac in de wacht met dit boek, na al hoge ogen te hebben gescoord met onder meer zijn minder barokke (maar niet minder heftige) roman “Honderd miljoen jaar en een dag”. Martine Woudt tekende voor de Nederlandse vertaling, die me ook al heel wat schoons uit het Franse taalgebied heeft geschonken.

Dit boek is overweldigend, veelomvattend, rijk aan actie en plottwisten. In zo'n 400 pagina's neemt Andrea je mee door de turbulente 20ste-eeuwse geschiedenis van Italië. Kunst en cultuur, feminisme, klassenstrijd, de opkomst en ondergang van het fascisme, de macht van het Vaticaan en de rol van de kunstenaar in dat alles – het komt allemaal voorbij. Zelfs de beginjaren van de Italiaanse film krijgen aandacht, met de legendarische Romeinse filmstudio Cinecittà die Mussolini hoogstpersoonlijk liet bouwen.

Vooral is deze vuistdikke roman bevolkt door de vele kleurrijke personages uit de omgeving van Mimo en de familie Orsini, waar Mimo uiteindelijk helemaal door zal worden opgenomen. Viola zal hij echter niet krijgen, vanwege hun beider afkomst maar vooral ook omdat ze elkaars opposanten zijn.

De roman is slim opgebouwd en past als een cirkel in elkaar. Het levenseinde van Mimo wordt al in de begin- en tegelijkertijd de slotscène van het boek beschreven. In het klooster waar hij de laatste 40 jaar van zijn leven heeft doorgebracht, ligt Mimo Vittaliani op sterven, omgeven door de abt en de monniken. Zelf is hij nooit als religieuze gewijd. Er moet nog wel een geheim worden onthuld in de loop van het boek. Hoe komt het dat er van Mimo maar weinig werken zijn overgebleven van hem en zijn echte pièce de résistance, de Pietà Vittaliani is weggestopt in datzelfde klooster, ontoegankelijk voor de buitenwereld? De auteur is ook beeldhouwer geworden: het eindresultaat zit al in de steen, of in dit geval het geheim in dit boek vervat, het moet er alleen nog “uitgehouwen” worden.

Je kan houden van zowel ingetogen als overvloedige boekwerken. Bij mij staat het één het ander niet in de weg. De maatschappelijke discussies en de opkomst en de neergang van het Italiaanse fascisme in dit boek zijn boeiend en leerrijk wegens nieuw voor mij. Kunst en liefde worden gebruikt als een element in de klassenstrijd.

Mimo werkt voor zijn kunstwerken op bestelling voor de kerkelijke en de steeds verschuivende politieke machten, maar levert telkens iets anders af dan er van hem wordt verwacht. Hij gebruikt het geld van zijn opdrachtgevers om zijn ambities waar te maken. Tot in de 20ste eeuw waren het rijke mecenassen, nu gaat dit dikwijls over het niet durven kwijtspelen van subsidies: wat is er nieuw aan?

Zowel Viola als Mimo waren in hun tienerjaren dromers die toen samen veel tijd doorbrachten, maar moeten en route leren rekening houden met hun omgeving als beperkende factor en proberen zich elk op hun eigen manier daartegen af te zetten. Viola blijft zich verzetten tegen de institutionele machten met dank aan haar erfenis, en kijkt er als de meest intelligente telg op toe dat haar familie niet te veel schade ondervindt van de kerende trend tegen het einde van de Tweede Wereldoorlog.

Mimo is tijdens zijn leven altijd klein gebleven, 1m40. Of hij aan dwerggroei leidde, wordt niet helemaal duidelijk. Na meedogenloos gepest te zijn geweest in het atelier waar hij als leerling terechtkwam, komt hij in aanraking met de volkse circuswereld waar hij zich eindelijk onder gelijken voelt. Daar zie je de steeds weerkerende dualiteit bij hem: hij wordt er bekeken voor wie hij echt is, maar wil zich tegelijkertijd niet identificeren met “zijn groep” noch er zich tot laten reduceren.

Dit boek behelst zo veel dat je je erin kan verliezen. De prachtige beeldrijke taal en de beschrijvingen van het Pietra d’Alba-plateau zijn de kersen op de al zwaar beladen taart. Op VRTMax loopt er nu een tv-reeks over de geschiedenis van fascistisch Italië, “Mussolini, son of the century”, wat me een mooie aanvulling lijkt.


Boek gelezen en besproken met de Merksemse leesclub


Titel: Veiller sur elle | Waak over haar
Auteur: Jean-Baptiste Andrea
Vertaler: Martine Woudt
Uitgever: Editions Iconoclaste | Uitgeverij Oevers
Jaar: 2023 | 2024

04 december 2025

Ik zal je schrijven - Nele Baplu

Wat een leesbeleving! Deze novelle verdient "onversneden leestijd".


Ik zal je schrijven - Nele Baplu


Nele Baplu, een schrijfster die zich nog steeds niet tot een uitgeverij heeft bekeerd, overtuigt opnieuw heel wat lezers, boekbloggers en boekhandelaars.  Met haar nieuwste novelle Ik zal je schrijven is ze opnieuw vrijgevig en overtuigt ze menige harten om haar te lezen en pennen om haar unieke stijl zo goed als mogelijk te kunnen beschrijven.

Niet alleen raakt haar stijl me opnieuw midscheeps, ook de oorlogscontext als oorzaak van twee van elkaar gescheiden geliefden, met name Miriam en Adam, schept weer een nieuw origineel perspectief voor dit korte brievenverhaal. Een universeel verhaal dat me doet stil staan bij de dag van vandaag, en hoeveel koppels en familieleden in onmenselijke omstandigheden in zo vele landen ver van elkaar moeten zien te (over)leven. Ze schrijven brieven naar elkaar waarvan je zou willen dat de ander ze toe krijgt, maar helaas is er geen postduif in de buurt die hen daarmee kan helpen.

Haar nostalgische poëtische zinnen en prachtige taal golven over de pagina's heen en zijn bijna stuk voor stuk om in te kaderen. Het is bijna ongeloofwaardig dat twee gewone mensen met elkaar zo mooi zouden communiceren, in mijn echte wereld toch. Dat is dan ook mijn enige kleine minpuntje van – in feite complimenteuze – kritiek. Niet dat je het niet zou willen, de liefde van de jonge mensen voor elkaar klinkt onversneden en passievol doorheen het hele boek. Het is moeilijk kiezen welke zinnen het meeste beklijven. Het is ook haar zwaarste en ontroerendste verhaal tot nu toe wat mij betreft.

Nele weet naar mijn mening al lang hoe ze in een spaarzame taal een prachtig verhaal kan neerzetten, met inbegrip van de fameuze witruimte die ze erbij creëert. Ze verdient volgens mij ook “onversneden leestijd”, die niet door eender welke stressfactor bij haar lezers beïnvloed wordt. Dat is eveneens een gevoel dat bij mij is opgekomen de laatste dagen.

Titel: Ik zal je schrijven
Auteur: Nele Baplu
Uitgever: Eigen beheer
Jaar: 2025

29 oktober 2025

Lessen - Ian McEwan

Knap geschreven levensverhaal met een wat langdradig begin en te uitvoerige uitwerking.


Cover Lessen - Ian McEwan



De roman Lessen van Ian McEwan uit 2023 was het eerste boek van de leesclub dit schooljaar. Met bijna 600 pagina's is het zijn dikste roman ooit, waarin hij voor het eerst uitvoerig put uit zijn eigen leven. Voor de Booker Prize werd het een te klassiek geschreven boek genoemd, maar is dat wel zo? Er wordt geput uit ongeveer zeventig jaar geschiedenis, die wordt gelinkt aan het verhaal van de Engelse Roland Baines over diezelfde periode van zeventig jaar, van zijn elfde jaar als schooljongen tot bejaarde opa.

Het leven van Roland wordt getekend door twee vrouwen: zijn pianolerares Miriam Cornell, die hem als veertienjarige manipuleert, en zijn eerste vrouw Alissa, die hem en hun zoontje plotseling verlaat . Deze ervaringen blijven hem zijn hele leven achtervolgen en hebben verstrekkende gevolgen voor zijn geest en liefdesleven, hoewel hij dit zelf eerst eerder wegwuift en er nogal licht over gaat. McEwan beschrijft de manipulatieve relatie met Roland’s pianolerares met een scherpe pen, waarbij hij het diepe ongemak van Roland heel invoelbaar beschrijft. In zijn latere leven voel je doorheen het boek de grote invloed van deze gebeurtenis.

Roland liet heel wat kansen in zijn leven onbenut: hij had het talent om concertpianist te worden maar liet dit passeren (vanwege die pianolerares dus). Hij maakte zijn school niet af en had allerlei baantjes als tennisleraar en (stelend) schrijver van wenskaartgedichten. Hij berust in de situatie, en is uiteindelijk tevreden met zijn baan als pianist in een plaatselijk hotel. Dit staat in schril contrast met Alissa, die bewust voor haar schrijverscarrière kiest en alles achterlaat om een succesvolle, wereldberoemde schrijfster te worden. Het boek maakt via deze personages duidelijk dat kiezen verliezen is en dat niet iedereen op dezelfde manier met levenskeuzes omgaat. De ene neemt actief beslissingen, de andere laat de dingen eerder over zich heen komen. Is dit herkenbaar voor iedereen? Er zijn soms ook situaties waarin het gewoon niet lukt.

Je ziet uiteindelijk Roland tevreden ouder worden met zijn naasten rondom hem: zijn geliefde (voor een tijdje), zijn kinderen en kleinkinderen, en een goede vriendenkring. Hij is vooral heel goed als vader en grootvader. Tegenover zijn zoon Lawrence is hij zorgzaam: als de Tsjernobylramp net gebeurd is, plakt hij bv. de kieren en de gaten af in zijn huis om hen beiden te beschermen. Maar hij laat Lawrence ten slotte ook vrij in de wereld, die bij het ouder worden een beetje dezelfde keuzes gaat maken als zijn vader. Later wordt zijn kleinkind Stefanie zijn oogappel, en zij kijkt naar hem op als hij verhalen vertelt. Dat is een hartveroverend schouwspel.

De roman speelt zich af tegen de achtergrond van belangrijke gebeurtenissen van de 20ste eeuw en het begin van de 21ste eeuw: de Suezcrisis, de Cubacrisis, Tsjernobyl, de val van de Berlijnse Muur, 9/11, het beleid van Margaret Thatcher, de klimaatcrisis, Brexit en de coronapandemie. Sinds hij kind is, interesseert Roland zich in wat zich afspeelt in de wereld rondom hem. Als hij op kostschool zit, is de Cubacrisis een van de gespreksonderwerpen in de jongensslaapzaal. Ook later bediscussieert hij politieke en sociale thema's met vrienden en familie.

Via herinneringen aan zijn vader, een militair en kolonel, en waardoor hij zijn kindertijd in een bubbel in Libië beleefd heeft, en de dagboeken van zijn Britse schoonmoeder wordt ook de Tweede Wereldoorlog besproken en de impact daarvan op het hedendaagse Duitsland. Zijn schoonmoeder Jane heeft bij de aanloop naar W.O. II in Oost-Berlijn gewoond waar ze vrienden en haar dan toekomstige Duitse man leerde kennen die betrokken waren bij Der Blaue Reiter (een vernieuwende kunstenaarsgroep van ca 1911 tot 1914), en Die Weisse Rose (een Duitse verzetsgroep tegen het Naziregime tijdens W.O. II). De familielink tussen Groot-Brittannië en Duitsland overstijgt de generaties en loopt door de hele roman.

McEwan gebruikt al deze historische gebeurtenissen als kapstok om Rolands leven aan op te hangen. Het boek is een knappe terugblik op meer dan een halve eeuw wereldgeschiedenis waarin Roland, met hoogte- en dieptepunten, zijn weg moet zoeken naar onafhankelijkheid, vrijheid en geluk. Weliswaar is het eerste deel heel detaillistisch en het moeilijkste om door te komen. Pas daarna wordt het boek leesbaarder en word je meer meegezogen in Roland’s leven.

McEwan is een meesterlijk schrijver met oog voor detail. Zijn beschrijvingen van omgevingen zijn tot in de puntjes uitgewerkt. Ook de personages zijn meticuleus neergezet, waardoor de lezer kan ontdekken hoe en waarom zij bepaalde beslissingen nemen. Zijn schrijfstijl is rijk, geraffineerd en allesbehalve spaarzaam.

McEwan springt heen en weer in de tijd aan de hand van flashbacks, waardoor de lezer inzicht krijgt in hoe het verleden doorwerkt in het heden en de toekomst. Je moet aandachtig genoeg zijn om niet verloren te raken en onderlinge verbanden te kunnen leggen. Vele jaren later laat de auteur Roland zijn vroegere pianolerares en Alissa, zijn eerste vrouw, terug opzoeken. De oudere Roland blikt steeds vaker terug op zijn leven dat hij bekijkt als een aaneenschakeling van gebeurtenissen en beslissingen. Het is soms pijnlijk om te lezen hoe traumatische ervaringen uit het verleden het heden sturen en tekenen, niet alleen voor mensen maar ook voor de wereld. De gebeurtenissen die ons zo maar overkomen, blijken steeds aanwezig te zijn in McEwans romans. “Life is what happens when you are busy making other plans.” In het slot laat McEwan Roland melancholisch terugblikken op zijn leven én angstvallig vooruitkijken op de veranderende wereld, met de klimaatcrisis die er uitspringt.

Ietwat kritischer dan over McEwan’s kunnen, ben ik over de Nederlandse vertaling, waarin me een aantal slordigheden zijn opgevallen, en de Britse cultuur en mentaliteit weer niet helemaal naar boven kwamen op heel wat momenten. Het is altijd jammer als je weer eens tot die conclusie moet komen. Al bij al is 'Lessen' een stevige aanrader, al is het even doorbijten en volhouden om je zo te laten meenemen door dit verhaal.

Titel: Lessen
Auteur: Ian McEwan
Vertalers: Harm Damsma, Niek Miedema
Uitgever: De Harmonie
Jaar: 2023

26 januari 2025

Feest van het begin - Joke van Leeuwen

Een historische roman met heel wat inzichten


Joke van Leeuwen schreef deze roman in 2012 waarmee ze de AKO-Literatuurprijs won, de voorloper van de huidige Nederlandse Boekenbon Literatuurprijs.

Boekcover Feest van het begin

In ‘Feest van het begin’ leer je de vondelinge Catho kennen die op autoritaire wijze in een klooster wordt grootgebracht. Op een gegeven moment komt ook de jonge novice Berthe in het klooster aangewaaid, die voor haar rijke familie te rebels bleek te zijn. Zij trekt zich het lot van de gepeste Catho aan, ontfermt zich over haar, en leert haar stiekem lezen en schrijven.

Via de straten worden er geruchten opgevangen dat er verzet groeit tegen de koning en zijn gevolg. Zonder enig gebruik van tijdsaanduidingen of plaatsnamen, merk je dat je je in de tijd van de Franse revolutie bevindt, en dat je je in de straten van Parijs begeeft. Waar kranten beginnen verkocht te worden, waar meer mensen inderdaad leren lezen en kritischer te denken. Niet alleen in het rijke chique deel dat dan tot de elite behoort, maar ook in de vuile straten van de armere wijken waar gewone mensen trachten te overleven. Waar werkenden meer en meer zien dat zij uitgebuit worden en dat er iets moet veranderen. Parijs was toen één van de meest bevolkte steden ter wereld. De Bastille en het paleis van Versailles worden bestormd.

Net zoals Catho en Berthe een tandem symboliseren waarin de grenzen tussen arm en rijk overbrugt worden en naar elkaar toe groeien, vinden elders in Parijs een Duitse pianoforte-bouwer, Tobias, en de beul van Parijs, Charles, elkaar in hun gemeenschappelijke liefde voor de muziek. Tobias is technisch begaafd en handig aangelegd. Samen met Charles zal hij de grondlegger zijn van de zogezegde verbetering om op de beschuldigden die bij Charles opgevoerd worden, de doodstraf toe te passen en die in latere tijden nog vele andere slachtoffers zal doen vallen: de guillotine. Charles heeft het idee aangevoerd en de plannen die al prematuur zijn uitgetekend, Tobias zal ze verfijnen en uitvoeren. Echter is het motto van het boek: Weest gelukkig, want jullie zijn niet schuldig. Tobias kan er niets aan doen, hij wil zijn zachtaardige lieve vrouw Gisèle, een dochter uit een rijkere familie, gewoon het leven gunnen dat ze gewoon is. Als Duitser was hij al niet populair in zijn buurt, zich verder compromitteren maakt daarom op hem ook minder indruk. (Beide personages zijn gebaseerd op notities van Charles-Henry Sanson uit Mémoires des Sanson van Henry Sanson uit 1862.)

Catho en Berthe worden op hun beurt door het klooster hardhandig uit elkaar gedreven, en moeten elk op hun manier zien te overleven in een nieuwe realiteit die voordien ondenkbaar was. En dat doen ze alle twee, want geluk ligt niet in het hebben van geld maar in de ambitie om het beter te hebben, verder te groeien. Beiden zijn op hun manier ook een voorbeeld in de strijd voor economische afhankelijkheid en meer rechten voor de vrouw in het begin van die Franse revolutie. Joke van Leeuwen is altijd al feministe geweest, al van voor deze term bestond. En ondanks de waarden van de broederlijkheid en zusterlijkheid, de vrijheid en de gelijkheid, is de positie van de vrouw er toen niet op verbeterd.

Joke van Leeuwen mag dit boek dan wel vaag hebben gehouden zonder al te veel details, haar beschrijvingen zijn dat allesbehalve en haar taal is zo poëtisch als mag verwacht worden van een pur sang dichteres. Op de eerste bladzijde bevind je je al in een waas van kleuren en vooral ook geuren. Eigenlijk is deze historische roman op maat van adolescenten gemaakt, zit er een wat naïeve kant aan het verhaal door zaken waar haar personages niet van af weten weg te laten, en heeft het ook elementen van een sprookje in zich: de personages hebben ondanks de vele tegenslagen steeds opnieuw kansen op het geluk, de hoop blijft.

Het boek voelt wat aan als Dickensiaans, omdat gewone mensen met een krachtige persoonlijkheid vanuit armoede en miserabele toestanden op eigen benen leren staan. Dit verhaal over zware tijden is daardoor eerder een licht dan een zwaar boek geworden. Het boek leest gewoon heel vlot ook al zijn er soms moeilijke tijdssprongen en perspectiefwisselingen. En hoewel sommige zinnen nogal lang zijn, vind je nergens hoogdravende taal of moeilijke termen.

Ook laat de schrijfster de lezer toe de emoties van de personages zelf in te vullen. Zij brengt het verhaal en de beschrijvingen aan, maar beschrijft consequent de gevoelens van haar personages niet doorheen het hele boek.

De beschrijving van de Franse revolutie in dit boek, en het vieren van het begin en de samenhorigheid die de opstanden teweegbrengen, zou in deze tijden kunnen opgaan voor bijvoorbeeld Syrië, dat zich net bevrijd heeft van het decennialange regime van de Assads. En een aantal jaren geleden ook voor de Arabische revoluties in een aantal andere landen in het Midden-Oosten. In Iran is de stem van de bevolking nog steeds te horen, denk aan de vrouwen die zich verzetten tegen de strenge sjiitische kledingvoorschriften ondanks de zware straffen vanwege het Iraanse autoritaire regime. Ook op dit vlak is dit een interessant boek voor schoolgaande jeugd om parallellen met onze tijd te zoeken. De verbinding die de personages in dit boek bij elkaar vinden, is alvast iets om ons aan op te trekken in onzekere en bange tijden.

Met dank aan: Karakter leesclub, Merksem

Titel: Feest van het begin
Auteur: Joke van Leeuwen
Uitgever: Querido
Jaar: 2012

--- Je reactie wordt pas zichtbaar nadat ik ze heb goedgekeurd. Your reaction will become visible after I will have approved it. Votre réaction devient visible après que je l'aurai approuvée.

22 december 2024

Kairos - Jenny Erpenbeck

Een passievolle complexe roman waarin privé en politieke gebeurtenissen synchroon verlopen

Kairos - Jenny Erpenbeck cover

Jenny Erpenbecks roman “Kairos” (2021) speelt zich af in Oost-Berlijn aan het eind van de jaren tachtig en vertelt het verhaal van een intense maar ongelijke liefdesrelatie tegen de achtergrond van de in verval geraakte DDR.


In 1986 ontmoet de 19-jarige Katharina de 34 jaar oudere Hans, die getrouwd is. Ondanks het leeftijdsverschil en zijn huwelijk beginnen ze een gepassioneerde affaire. Hans, een onsuccesvolle schrijver en redacteur, oefent een sterke intellectuele en emotionele aantrekkingskracht uit op de jonge Katharina. Hij introduceert haar in de wereld van literatuur, kunst en klassieke muziek, en vormt haar politieke opvattingen en domineert steeds meer haar leven. Hun relatie wordt vanaf het begin gekenmerkt door een onevenwichtige machtsverhouding. Hans controleert en manipuleert Katharina, terwijl zij zich aan hem onderwerpt en steeds meer haar eigen identiteit verliest. De giftige dynamiek tussen hen wordt weerspiegeld in de desintegrerende politieke orde van de DDR.

De roman is nauw verweven met de historische gebeurtenissen van de late DDR. Het persoonlijke verhaal van Katharina en Hans wordt parallel verteld aan het verval van de socialistische staat. De val van de Berlijnse Muur en de hereniging markeren ook een keerpunt in hun relatie, die uiteindelijk uit elkaar valt.

Erpenbeck gebruikt een complexe vertelstructuur die voortdurend en zonder aankondigingen, schakelt tussen verschillende perspectieven en tijdstippen. Daardoor wil de auteur ook benadrukken dat het paar zich lange tijd als één entiteit, een “wij”, beschouwt. De titel “Kairos” verwijst naar de Griekse term voor het juiste of beslissende moment, een thema dat door de hele roman loopt. De auteur verweeft vakkundig persoonlijke herinneringen met historische gebeurtenissen en filosofische reflecties.
Macht en afhankelijkheid in relaties, de rol van tijd en tijdelijkheid, het verlies van idealen en illusies, en de transformatie van de Oost-Duitse samenleving zijn allemaal thema’s die in het boek terugkomen.

Kairos won in 2024 de Internationale Booker prijs (een prijs voor zowel de auteur als de vertaler, Michael Hofmann in dit geval voor de Engelse editie) en werd internationaal geroemd. De roman wordt gekenmerkt door een heel precies taalgebruik en veel psychologische diepgang. Erpenbeck slaagt erin om zowel een beklemmend portret van een giftige relatie als van een hedendaags beeld van de in verval geraakte DDR te creëren. Door de complexiteit van het boek, en de Duitse taal waarin ik dit las, heeft dit boek me bijna 2 maanden leestijd gekost of opgeleverd, afhankelijk van hoe je het bekijkt. Gelukkig kon ik dit bespreken met mijn lokale leesclub en er daardoor ook weer veel meer uit halen. Ook al was het soms moeilijk tussendoor, was dit werk het zeker waard.

De vorige titels die ik van deze auteur las, gaven ook brede inzichten in thema’s als migratie, identiteit en herinneringen. Zij zelf is afkomstig uit Oost-Duitsland en studeerde Theater aan de Humboldt Universiteit in Berlijn. Erpenbeck werkte eerst als theaterregisseur totdat ze zich tot succesvol auteur ontpopte. Ze won al tal van literaire prijzen en een aantal van haar boeken werden al in meerdere talen vertaald.  


Titel: Kairos
Auteur: Jenny Erpenbeck
Vertaler: Elly Schippers
Uitgever: Penguin Verlag, De Geus (Nl)
Jaar: 2021, 2024
--- Je reactie wordt pas zichtbaar nadat ik ze heb goedgekeurd. Your reaction will become visible after I will have approved it. Votre réaction devient visible après que je l'aurai approuvée.

21 juni 2024

Ik heb een afgehakte hand voor je meegenomen - teksten en kanttekeningen - Ghayath Almadhoun

Een waardevolle en ongemakkelijke dichtbundel

Ghayath Almadhoun - Ik heb een afgehakte  hand voor je meegenomen cover



Oorlogsverslagen in poëtische vorm. Soms liefdespoëzie geschreven in oorlogsmetaforen. Wat oorlog in een mens achterlaat, weet de Zweeds-Syrisch-Palestijnse dichter, en die zijn tijd verdeeld tussen Stockholm en Berlijn, Ghayath Almadhoun, in deze bundel in woorden te vatten. 

Harde beelden. Over zijn dubbelzinnige houding met de Europese koloniserende machten ook. Zijn onbehagen tegenover het koude Zweden. Niet vanzelfsprekend. Wel prachtig, ontroerend en fascinerend.

Hoe veel mensen in de wereld leven er wel niet met zulke zwarte gaten in hun lijf? Eigenlijk is dit poëzie die in deze tijden (in scholen?) gelezen zou moeten worden om zodoende bij meer mensen empathie te kweken voor de vele oorlogsvluchtelingen, meestal van oorlogen die al jarenlang, veel te lang ook, aanslepen.

Dit is een waardevolle én ook ongemakkelijke dichtbundel. Twee andere dichtbundels van Ghayath Almadhoun las ik eerder al, waaronder één die hij samenstelde samen met de Nederlandse dichteres Anne Vegter. Enkele jaren geleden zag en hoorde ik hem bezig tijdens een lezing in bibliotheek Permeke in Antwerpen. Almadhoun raakt zijn lezers, en laat me ademloos en met een zwart gat in mijn borstkas achter. Hij wil mensen choqueren over wat hij als Palestijnse vluchteling in Syrië en dan in Zweden heeft gevoeld en meegemaakt. Deze dichter vindt de woorden om de beelden in zijn hoofd over te brengen op een wonderlijke en ontroerende wijze en heeft sinds die avond altijd mijn fascinatie weggedragen. 

Titel: Ik heb een afgehakte hand voor je meegenomen - teksten en kanttekeningen 
Auteur: Ghayath Almadhoun
Vertaler: Djûke Poppinga
Uitgever: Jurgen Maas
Jaar: 2024


--- Je reactie wordt pas zichtbaar nadat ik ze heb goedgekeurd. Your reaction will become visible after I will have approved it. Votre réaction devient visible après que je l'aurai approuvée.

05 november 2022

Aleksandra - Lisa Weeda

In English below

Aleksandra - Lisa Weeda


Een confronterend en mooi gecomponeerd verhaal


Lisa Weeda, een Nederlands-Oekraïense schrijfster, bracht haar debuutroman uit in oktober 2021, dus net voordat de grootschalige Russische aanvalsoorlog in Oekraïne uitbrak in februari 2022. In dit boek “Aleksandra” vertelt zij het verhaal van haar grootmoeder met die naam en haar familie. Het gaat ook over de verschillende oorlogen die Oekraïne, een uitgestrekt land tussen het oosten en het westen en een echte graanschuur, in de 20ste en de 21ste eeuw getroffen hebben. Van de twee wereldoorlogen, de Sovjetoverheersing nadien, tot de Russische annexatie van het Krimeiland en de oorlog in Oost-Oekraïne in 2014.


De familie van de auteur komt uit het dan bezette deel, haar grootmoeder is er geboren en stamt af van de Kozakken uit het gebied die ooit in een ver verleden een aparte staat hadden en die bekend stonden voor hun onafhankelijkheid en onverschrokkenheid, en hun militaire vaardigheden, vooral hun rijkunsten. Haar grootmoeder heeft haar gevraagd naar de Donbass te reizen om haar oom Kolja te zoeken die is vermoord tijdens de oorlog in 2014.

Weeda schreef een uitzonderlijk rijk boek met heel wat literaire elementen in. Een rauwe geschiedenis van het land Oekraïne wordt afgewisseld met magische realistische elementen zoals familieleden die veranderen in herten met gouden pijlen en terug. Daarnaast is er het tijdreizen. Bij het teruggaan in de tijd ontmoet Lisa haar overgrootvader Nikolaj in het Paleis van de Verloren Don Kozak, een plaats waar al haar dode familieleden zich op een of ander moment ophielden, en die haar helpt de sporen van haar oom te volgen. Maar eerst leert ze het verhaal van een aantal andere familieleden doorheen de tijd kennen. Haar grootmoeder werd als jong meisje van haar dorp naar Duitsland gedeporteerd om daar tijdens de Tweede Wereldoorlog als arbeidster in de oorlogsindustrie aan de slag te gaan. In de oorlog om Oost-Oekraïne komt de familie aan beide kanten van de oorlog tegenover elkaar te staan. De Don Kozakken-tradities worden ruim aangehaald.

In het boek wordt er vaak van tijdsbestek en van perspectief gewisseld, zodat het niet gemakkelijk te lezen is. Toch krijgt de lezer veel terug van dit mooi gecomponeerd en knap geschreven verhaal. Het boek is echt actueel en leert je het land Oekraïne en zijn rijke geschiedenis beter kennen, zowel van de laatste jaren als over het nazi- en het Sovjetregime. En bovenal bevat het veel waarheid en is het erg confronterend voor de lezer die in vrijheid in een stabiel en democratisch land woont.

Citaten:

“We hoopten dat het antwoord deze keer anders zou zijn. Op deze grond is al te veel verloren gegaan om niets.”

'We kunnen niets,' zegt een van onze oudsten. 'Wij zijn maar voorouders. Wij voelen de grond nog wel onder onze hoeven, maar kunnen er niet meer op lopen.'

A confrontational and beautifully composed story


Lisa Weeda, a Dutch-Ukrainian writer, released her debut novel in October 2021, just before the full-scale Russian war of aggression broke out in Ukraine in February 2022. In this book entitled “Aleksandra”, she tells the story of her grandmother with that name, and her family, covering the various wars that hit Ukraine, a vast country between east and west and a veritable granary, in the 20th and the 21st century. From the two world wars, the Soviet regime afterwards, to the Russian annexation of the Crimean island and the war in eastern Ukraine in 2014.


The author's family is from the then occupied part, her grandmother having been born there and descended from the Cossacks of the area who once in the distant past had a separate state and were known for their independence and fearlessness, and their military skills, especially their riding skills. Her grandmother has asked her to travel to the Donbass to search for her uncle Kolja, who was killed during the 2014 war.

Weeda wrote an exceptionally rich book with a lot of literary elements in it. A raw history of Ukraine is interspersed with magical realist elements such as family members turning into deer with golden arrows and back. Then, there is also time travelling. In going back in time, Lisa meets her great-grandfather Nikolay at the Palace of the Lost Don Cossack, a place where all her dead relatives used to hang out at one point or another, helping her follow her uncle’s tracks. But first she learns the story of several other relatives through time. Her grandmother was deported from her village to Germany as a young girl to work as a labourer in the war industry during World War II. In the war for eastern Ukraine, the family comes face to face on both sides of the war. Don Cossack traditions are widely cited.

The book switches in time and from one POV to another frequently, so it is not an easy read. Yet the reader gets a lot back from this beautifully composed and cleverly written story. The book is really topical and gets you acquainted with Ukraine and its rich history, both of recent years and about the Nazi and Soviet regimes. And above all, it contains a lot of truth and is very confronting for the reader living in a stable and democratic country, with a lot of freedoms.

Quotes (free translation in English):

"We hoped the answer would be different this time. Too much has already been lost on this ground for nothing."

'We can't do anything,' says one of our elders. 'We are only ancestors. We can still feel the ground under our hooves, but we can no longer walk on it.'

Titel: Aleksandra
Auteur: Lisa Weeda 
Uitgever: De Bezige Bij
Jaar uitgave: 2021
Genomineerd voor de Bronzen Uil 2022 en de Libris Literatuurprijs 2022

--- Je reactie wordt pas zichtbaar nadat ik ze heb goedgekeurd. Your reaction will become visible after I will have approved it. Votre réaction devient visible après que je l'aurai approuvée.

29 mei 2022

Tijl (Tyll) - Daniel Kehlmann

A modern interesting read about European culture and history


Review in English. Read in Dutch. German literature.


Tyll is the newest novel (2017) by the German-Austrian writer Daniel Kehlmann, after his bestseller "Measuring the world" (Die Vermessung der Welt), a novel which was about two 18th century German scientists Carl Friedrich Gauss and Alexander von Humboldt, which has been translated to more than 40 languages. 

Tijl or Tyll is in fact a mythical figure from the Dutch – German folklore. Tales exist in both languages and differ a bit in settings and historical eras, the best known in Dutch and in Belgium is the story by the French-speaking Belgian author Charles De Coster, set in the 16th century against the background of the Spanish occupation of the low countries by Philipp II, and in which Tyll is born in Damme, a Flemish town, written in 1867. But Tyll first appears in German tales written around the 1500s in which he wanders around the medieval then existing German principalities and the low countries in the 14th century. Legend has it that he died in Mölln, Germany in 1350, where a grave is claimed to be his. It is probably no coincidence that the mythological wanderers Willem Tell in Switzerland and Robin Hood in Great Britain were also set in those medieval times and painted to be rebellious liberators, for the poor farmers, against the feudal kingdoms of that time.


Tyll is called “Gaukler” in the German edition, a jester in the English version and a kunstenmaker (“Arts maker”) in the Dutch edition. There is no word in Dutch with the exact same meaning including a travelling entertainer, thightrope walker and juggler, a philosophical thinker, a buccaneer.

Kehlmann combined historical figures and facts from the Thirty Years War, which raged between almost all European countries within the Holy Roman Empire, with his fantasy to compile this modern complex non-linear novel. Several storylines intertwine with each other. The storyline about Tyll starts in his youth and goes on during his nomad life, while he is travelling in villages together with Nele and a talking donkey called Origines. Next to their story, there is the story of the Winter King and Queen, Frederick V of the Palatinate and his wife Liz, (Elizabeth Stuart, daughter of James VI (I) of Scotland, England and Ireland) and who try to confront the Emperor of the H.R.E. in accepting the Kingdom of Bohemia. Their nicknames refer to the fact they could only hold on to their title for one season, after which they were sent in exile to The Hague (Nl), as they were both somewhat naive in this attempt. The Thirty Years War is largely a war between the catholic and the emerging protestant regions in West and Central Europe. The chronology of both these stories is preserved but it is difficult to keep track of the changing viewpoints of the different chapters which make the novel so complex. Tyll is already there in the first chapter but then disappears and pops up again in the following chapters unexpectedly.

A lot of European culture, history and folklore is brought into the novel which may sound familiar but it is difficult to sort out the facts from the fiction which the author has put very well together. The travelling Jesuit scholars throughout the book, the German Athanasius Kircher and the English Oswald Tesimond, conversing in Latin between each other, were existing figures who left their marks in different fields after their deaths, but who are rather forgotten - Kircher being the most renowned one (esp. in geology, medicine, and Egyptology) still - and whose findings have been premature and contradicted in many cases by proven scientific outcomes from the later centuries (during and after the European Age of Enlightenment). In the 16th century, superstition, religion and a lot of confusion are still all around, also in their discussions!

It is also the era of Tyll’s father, a simple miller who has several books in his possession - even a Latin one which he can’t understand and read himself - and of witch hunts, because these characters are the outsiders of their communities and can easily serve as scapegoats. The difference between the scholars and them being the powerful and the powerless, the haves and the havenots. The scholars at that time were the ones who ruled the religion as well, the critical thinkers those who recognized and knew more about how nature is a source of cures for various diseases.
The grim description of Tyll’s father execution together with that of a woman being charged of witchcraft as well as the very realistic ones of the war battlefields, get under your skin. Not to forget the colours and the smell!

Tyll is the one who, as a modern popular charming and mocking comedian and storyteller, points out the hypocrisy by using the mirror (Eulen’Spiegel’) against these feudal rulers to show their shortcomings and the consequences of their childlike war games to the inhabitants of their territory. The wish for more “Lebensraum” from the Thirty Years Old War is shockingly relatable to the Two World Wars and the ongoing war in Europe. Tyll acts in fact as the neutral observer who keeps his own opinions and emotions largely for himself. The author’s writing style is clear and evident, and reads easily. It is the structure and the deeper message between the lines that make this novel albeit a slow beginning still an interesting read about European culture and history.

Titel: Tijl
Auteur: Daniel Kehlmann
Vertaler:Josephine Rijnaarts
Uitgever: Querido
Jaar uitgave: 2017


--- Je reactie wordt pas zichtbaar nadat ik ze heb goedgekeurd. Your reaction will become visible after I will have approved it. 


06 maart 2022

Het zustertapijt - Lars Mytting

Een té perfect verteld familieverhaal 


Het zustertapijt cover

Deze bespreking bevat spoilers van het eerste deel De zusterklokken.



Na zijn vorige roman De Zusterklokken uit 2019 is Lars Mytting (1968, Fåvang) er met Het Zustertapijt, het tweede deel van de ‘Butangen-trilogie’. De Nederlandse vertaling is opnieuw van de hand van Paula Stevens.

Na zijn focus op het betere houtsnijwerk in enkele van zijn vorige boeken komt daar in dit deel de traditionele weefkunst bij, en dan vooral die van de wandtapijten. Wie denkt dat wol en garen weven alleen Engelse of Vlaamse tradities waren, is er aan voor de moeite. Nadat dominee Kai Schweigaard 22 jaar geleden is teruggekeerd naar zijn (fictieve) dorp Butangen in het ontoegankelijke zuidoostelijke Gudbrandsdal - waar de schrijver is opgegroeid - met de pasgeboren zoon van de bij de bevalling overleden Astrid Hekne, is het 1903. Jehans is nu volwassen maar werd verstoten door zijn familie. Hij is ambitieus maar werd afgestoten door zijn eigen familie en voelt zich een buitenstander in zijn dorp. Hij trekt de bergen in als rendierjager, de enige plek waar hij zich vrij voelt. Op een ochtend kan hij een gigantische rendierstier schieten, maar merkt hij dat hij hem op quasi hetzelfde moment geveld heeft als een Engelse jager die net op bezoek is met zijn entourage. Dankzij de vorming van de dominee kan hij met hem communiceren in het Engels, en voelt hij zich op een vreemde manier verbonden met hem. Volgens de regels van de jacht krijgt de jager Victor Harrison die hem door zijn betere geweer het eerst gedood moet hebben zijn ‘trofee’ maar wordt Jehans door hem betaald voor de waarde van het vlees die belangrijk is voor hem en zijn familie.

De ontmoeting tussen deze twee mannen wordt allesbepalend voor hun verdere leven. Als Kai Victor ook leert kennen, vlast hij er op om eindelijk het mysterie van de Hekne-familie te ontrafelen, en is hij erop gebrand om zowel de in hun dorp gezonken zusterklok te redden als het legendarische verloren gewaande zustertapijt te vinden, het bekendste en mysterieuze door de 17de eeuwse siamese tweeling Halfrid en Gunhild Hekne geweven wandtapijt. Dit zat al in hem sinds hij Astrid moest begraven, die hij liefhad en had willen trouwen als de Duitse architect Gerhard Schönhauer, Jehans’ vader, niet was opgedoken (het verhaal uit De Zusterklokken).

Mytting is een specialist in de vertelkunst en de sfeerschepping van zowel het Noorse dorp als de Engelse (koloniale) omgeving waarin Victor opgegroeid is, een rijke Britse familie, en vertoeft. Zowel hij als Jehans met elk hun verschillende achtergrond en rugzak hebben ambitie en willen zich bewijzen, elk op hun manier: Victor is een avonturier die veel reist en de handen uit de mouwen steekt om de eigendommen van zijn vader te bewaren en uit te breiden; Jehans denkt minder op termijn maar heeft wilde ideeën om zijn dorp mee te trekken in de moderne tijden en zelf een rol van betekenis te spelen. Tegelijkertijd wil hij wraak nemen op zijn oom Osvald die hem en zijn pleegouders als een van zijn vele pachtboeren op feodale manier is blijven uitbuiten.

Van groot belang is ook de sterke vrouw die Jehans is opgevallen, Kristine, en al jaren als melkmeisje werkt, maar van wie de horizon, net als bij Astrid Hekne vroeger, ook verder reikt dan de nieuwe kerktoren die is gebouwd om de oude staafkerk te vervangen. Dat beiden de handen uit de mouwen steken, is een understatement als je leest wat ze allemaal samen ondernemen. Als koppel hebben ze in hun relatie enkele stormen te doorstaan; doordat Jehans gedreven wordt door de hem afgenomen tijd met zijn moeder laat hij zich hierdoor leiden. Daartegenover horen ze als ondernemers wel erg goed samen.

Idyllisch zijn de omstandigheden waarin zowel Jehans als Victor en hun beider verwanten moeten leven niet. Armoede en harde fysieke labeur voor Jehans, de Eerste Wereldoorlog waarin Victor wordt meegesleurd als piloot, en de Spaanse griep die zelfs tot in Butangen reikt aan het einde van het boek, zijn de historische achtergrond en tekenen het leven van de personages verder. De verteller blijft onzichtbaar in het verhaal, het perspectief blijft bij de hoofd- en soms bij enkele zijpersonages zoals in de stad Dresden hangen waardoor er geen rechtstreekse inleving uit het vertelperspectief naar voor komt. De lezer is afhankelijk van de zeggingskracht van het verhaal om zich te laten meeslepen die niet altijd even sterk aanwezig is. Ook is er geen hoek af aan het verhaal, of is er literair veel aan de hand. Het verhaal is op klassieke leest geschoeid en wordt eigenlijk té perfect verteld. Het Zustertapijt is een goed boek voor wat exotisch escapisme met heel wat prechristelijke Noordse symboliek, met een zucht van melancholie maar dat ook zijn zware kanten had. Dat laatste ontkent dominee Schweigaard zelfs niet en de nieuwe eind 19e -eeuwse ontwikkelingen in zijn dorp blijft verwelkomen als die het leven van zijn parochianen kunnen verlichten.

Wie interesse heeft in een stuk Europese geschiedenis, kan zeker weg met dit boek maar veel levenslessen zijn er niet uit te halen, en is het toch ook wat goedkoop sentiment. Dit boek heeft niet dezelfde kracht als bv Het achtste leven (voor Brilka), het prachtige boek van Nino Haratischwili, waarmee hier en daar wordt vergeleken of het inlevingsvermogen dat een auteur als Jo Nesbø hierin weet te ontwaren. Daarvoor blijven de personages te oppervlakkig en/of een geëngageerde verteller te onzichtbaar. Dat derde en laatste deel zal nog wel gelezen worden, ook al wordt er niet meer zo naar uitgekeken.

Titel: Het zustertapijt
Auteur: Lars Mytting
Vertaler: Paula Stevens
Uitgever: Atlas Contact
Jaar uitgave: 2022

--- Je reactie wordt pas zichtbaar nadat ik ze heb goedgekeurd.

14 december 2021

Aller Tage Abend (Een handvol sneeuw) - Jenny Erpenbeck

Een complexe en lyrische tour de force over willekeur en toeval

Achtergrond: de Centraal- en Oost-Europese geschiedenis


Aller Tage Abend - Jenny Erpenbeck
Na Gaan, ging, gegaan (Gehen, ging, gegangen - 2015) en Huishouden, een niet zo sterke vertaling van de Duitse titel Heimsuchung (2008) van de Duitse schrijfster Jenny Erpenbeck kwam haar roman Aller Tage Abend (Een handvol sneeuw - 2012) aan de beurt. De genoemde romans zijn hiermee ineens ook in volgorde gerangschikt van moeilijkheidsgraad, waarbij de constructie en de filosofische inslag van Aller Tage Abend wel de kroon spant. Erpenbeck kan duidelijk tot de sterkste literaire auteurs van Duitsland gerekend worden. Deze roman werd verschillende keren genomineerd en geprezen, en won in 2015 de Europese Literatuurprijs.

In Aller Tage Abend wordt een kind geboren in de buurt van Brody (het huidige Oekraïense Lviv), in het toenmalige Galicië (Polen-Oekraïne) in de Oostenrijks-Hongaarse republiek. Dat gebied waar tot na W.O. I vele ‘Oostjoden’ woonden*, en ook meesterlijk neergezet door de grote Joseph Roth in o.a. zijn klassieker Radetzkymars, is de eerste setting waarin de baby van een joodse moeder en een katholieke vader al snel sterft. Maar wat als… de moeder of de vader ’s nachts het raam had opengerukt, een handvol sneeuw van de vensterbank gegrist en onder het hemd van het kind gestopt, dan was het meisje misschien opeens weer gaan ademen. Hoe zou haar leven dan zijn verlopen?

Een handvol sneeuw

In vijf delen probeert Jenny Erpenbeck te beschrijven hoe het leven van dit meisje/deze vrouw er had kunnen uitzien als er zich willekeurige andere voorvallen hadden voorgedaan doorheen een groot stuk wereldgeschiedenis. Zo neemt Erpenbeck je mee van Galicië via Wenen in de vroege 20ste eeuw naar het door communisme doordrongen Moskou tot in het Berlijn van voor en nà de val van de Muur. Zo wordt deze roman gekaderd in de ganse 20ste eeuw in dit centraal-oostelijke deel van Europa.

De chronologische draad doorheen het leven van het grotendeels anoniem gehouden ‘maidele’ wordt telkens onderbroken bij een vroegtijdige dood, maar afgewisseld door een aantal intermezzo’s waarin het toeval wordt onderzocht en een andere weg wordt ingeslagen waardoor het personage dan verder leeft, ook aangehouden in de volgende delen. Dat geeft toch een bepaalde houvast aan het verhaal. Van jong meisje groeit het personage op tot oudere vrouw, waarbij je je als lezer kan afvragen of dit leven vol grote geschiedenissen werkelijk door een onheldhaftige natuurlijke dood in een rusthuis zou moeten eindigen. In de laatste twee delen laat ze een zoon na, die voelt dat hij verhalen in zich draagt van zijn verleden die hij niet kent:

“Frei ist er, doppelt frei, in seinem Innern trägt er als ein groẞes schwarzes Land all die Geschichten, die seine Mutter ihm nicht erzählt oder verschwiegen hat, mit sich herum, trägt vielleicht sogar diejenigen Geschichten, die nicht einmal seine Mutter wusste oder in Erfahrung gebracht hat, mit sich herum, kann sie nicht loswerden, aber sie auch niet verlieren, weil er sie gar nicht kennt, weil all das in ihm gegraben ist, weil er mit Innenraümen, die ihm nicht gehören, schon aus seiner Mutter geschlüpfft ist und sein eigenes Inneres nicht anschauen kann.”

Ook zijn die laatste delen onmisbaar om de draden van haar levensloop aan elkaar te weven, haar leven te kunnen overschouwen. De mannen rondom haar waren altijd afwezig, de verschillende vrouwen die de lezer heeft leren kennen, zetten lijf en leden in een overlevingsstrijd in voor zichzelf en hun kroost, het is een fragmentair maar erg compleet verhaal. De lyrische schrijfstijl en de complexe opbouw maken dit tot een bijzonder rijk maar ook zwaar boek, zeker als je het dan nog eens in het Duits leest. Er zit veel verdriet maar ook schoonheid in en aan het einde een grote ontroering die qua sentimentaliteit wat in contrast staat met de andere delen en een zekere lotsbeschikking en gelatenheid in zich dragen.

Dit is een boek waarover ik meer dan drie weken deed, gelukkig niet aan één stuk door. Wie weet toch de moeite waard om het nog eens in het Nederlands te lezen voor een groter begrip. Elly Schippers stond in voor de vertaling die ik niet kan beoordelen, maar in de Nederlandse titel komt alvast een van de motieven terug van het boek, in plaats van de Duitse uitdrukking die vertaald maar de helft van de betekenis zou kunnen omvatten.   

*Van deze ‘Ostjuden’ emigreerden er ongeveer tweehonderdduizend nà W.O. I naar de VS, diegenen die achterbleven, trokken naar Berlijn en Wenen en werden toen W.O. II uitbrak, naar de concentratiekampen gedeporteerd. 


Titel: Aller Tage Abend
Auteur: Jenny Erpenbeck
Uitgever: Verlagsgruppe Random House – Albrecht Knaus Verlag
Jaar uitgave: 2012

--- Je reactie wordt zichtbaar nadat ik ze heb goedgekeurd.

01 augustus 2021

De Grote Eeuw-serie van Jan Guillou: deel 5 tot en met 10


Echte Amerikaanse jeans (jaren '50, deel 6): 4 sterren

Echte Amerikaanse jeans


1968 (deel 7): 4 sterren


1968

Zij die dromen doden, slapen nooit (jaren '70, deel 8),  3 sterren


Zij die dromen doden slapen nooit

De tweede doodzonde (jaren '80, deel 9), 4 sterren



Het einde van het verhaal (jaren '90 - 10/09/2001, deel 10), 3 sterren

Het einde van het verhaal


Dit zijn de vijf boeken die volgen op de eerste vijf delen Bruggenbouwers, Dandy uit het Noorden, Tussen rood en zwart, De kop in het zand en Blauwe ster van de Grote Eeuw-serie. Waar in de eerste vier boeken het vooral of vaak draait over de drie Lauritzen-broers Lauritz, Oscar en Sverre, en in het vijfde boek over Lauritz' dochter Johanna, verschuift de focus in deze vijf boeken naar Eric Letang, zoon van Hélène en kleinzoon van Oscar Lauritzen. In Eric herken je dan ook veel biografische elementen van de schrijver, Jan Guillou, zelf.

'Echte Amerikaanse jeans' kwam uit in 2017. Het laatste boek 'Het einde van het verhaal' kwam in Zweden uit in het najaar van 2020, en in Nederlandse vertaling in april 2021.

In het eerste boek is Eric nog een jonge knaap en worden zijn kinder- en jeugdjaren beschreven. Focus zijn de jaren '50 waarin het beter begon te worden voor de bevolking na de Tweede Wereldoorlog tijdens dewelke Zweden zich neutraal probeerde te houden, en waarin de fundamenten van de Zweedse verzorgingsstaat worden gelegd. De nasleep van W.O. II lag nog te vers in het geheugen om bv de omvang van de Holocaust in het onderwijs al bespreekbaar te maken en in het curriculum te brengen voor de jonge leerlingen. De Koude Oorlog heeft een aanvang genomen die in Zweden waarschijnlijk nog een grotere impact had door de nabijheid van de toenmalige Sovjet-Unie. De dreiging van een nakende kernoorlog is dan heel reëel en zorgt voor veel bezorgdheid en angst. De Amerikaanse levensstijl begint aan invloed te winnen in Europa, zeker bij de jongeren. Importgoederen uit de VS zoals jeans en Coca-Cola waren toen nog een aantal jaar verboden in Zweden, maar Eric lukt het als een van de eersten hand te leggen op beide dingen. Vandaar ook de titel.

Eric groeit uit van een in een rijke bourgeois omgeving opgegroeide jongen waarin hij conservatieve waarden meekrijgt tot een jongeman met een marxistisch-communistische ideologie en dientengevolge verandert zijn vriendenkring ook.
Natuurlijk moest die omslag er komen omdat hij dan vanop de eerste rij daardoor verslag kan doen van het turbulente jaar 1968. Eric is dan net afgestudeerd van de rechtenstudie in Stockholm. Zijn ideologie komt in conflict met die van de oudere generatie van zijn familie. Toch is ook zijn eerst uit het oog verloren neef met Deense relaties Henning een medestander geworden. Vooral de band met zijn moeder komt dan onder druk te staan, wat zo zal blijven in de volgende delen. Verschillende studenten- en arbeidersbetogingen vinden plaats in de Europese hoofdsteden, de USSR valt binnen in Praag, de Vietnamoorlog escaleert. Het is een kanteljaar voor Zweden en de wereld. Dit is waarschijnlijk het beste boek van deze vijf laatste delen. Ook Guillou was erg actief in de communistische beweging in die tijd, en hij heeft veel kennis van zaken waardoor hij er een van de boeiendste delen weet van te maken.

In het volgende deel 'Zij die dromen doden, slapen nooit' zijn we in de jaren '70 beland. De linkse golf van 1968 is over, de Europese veiligheidsdiensten verharden hun oorlog tegen de verschillende linkse min of meer revolutionaire bewegingen die versplinterd zijn en zo goed als een onderlinge oorlog voeren. Eric heeft zijn grote liefde, Gertrude, in Hamburg ontmoet die ook actief is in de West-Duitse verzetsbewegingen, waar de onderdrukking van deze 'terroristische' bewegingen het hardst toegeslagen heeft en waar de Zweedse veiligheidsdiensten een voorbeeld proberen aan te nemen. Het wordt erg heet onder de voeten van Eric Letang die ook de linkse journalist Erik Ponti beter leert kennen. Letang groeit eveneens verder in zijn professionele loopbaan als juridisch medewerker bij het beruchte advocatenbureau van Henning Sjöstrand. Verschillende veldslagen worden in de rechtbank gevoerd evenals tegen de liberale commerciële media waarvan de krant Expressen uitgroeit tot de voortdurende vijand van zowel Sjöstrand als Letang die dit vijandschap overerft. Ook wordt er een nieuwe generatie Lauritzen geboren.

Over naar het negende en voorlaatste deel 'De tweede doodzonde', uiteraard over de jaren '80. Eric's nicht Solveig springt op de voorbijrazende vastgoed-kar en kan de Lauritzen-familie opnieuw gouden bergen bezorgen. Eric heeft het er moeilijk mee, maar blijft niet opzij staan waardoor hij nog steeds voor de lezer de bevoorrechte waarnemer is (ook al kan dit wat ongeloofwaardig overkomen). Hij heeft nog steeds die familiale achtergrond waarvan hij zich nooit volledig heeft losgemaakt. Het werk dat zijn eigen advocatenkantoor met zich meebrengt en de druk van zijn nieuwe status als 'steradvocaat' nemen veel tijd van hem en bladzijden in beslag. Het stramien van hoe Eric's processen lopen, en de jacht op hem door Expressen begint na een tijdje eerlijk gezegd wat saai te worden.
Het verhaal van de drie broers uit een arm vissersdorpje in Noorwegen neemt wel zo goed als een einde. De banden tussen de daaropvolgende generaties raken meer en meer versnipperd, het is de tijd van de op zichzelf staande gezinnen en individuen geworden die veel minder samenkomen. De oorspronkelijk Noorse en aangetrouwde Duitse familie Lauritzen is verspreid geraakt over Zweden, Denemarken, Schotland, de VS en de Caraïben.

Het tiende, voor Zweedse (misdaad)auteurs kenmerkende laatste, deel 'Het einde van het verhaal' begint met een knaller van formaat: de dood gewaande oom Harald Lauritzen, voormalig SS-officier, keert na jaren in Argentinië te hebben gewoond, terug naar Zweden. Zijn nazi-ideeën zijn er niet minder op geworden, maar hij doet zijn familie en vooral dan de twee advocaten Eric en nicht Ariadne, een aanbod dat ze onmogelijk kunnen afslaan. Dit betekent een proces dat heel wat tijd en bladzijden inneemt. De geldbedragen die in deze zaak worden genoemd zijn eigenlijk fenomenaal en zelfs ziekmakend. Ondertussen voert Eric met zijn advocatenkantoor, waar Ariadne nu ook voor werkt, weer een aantal grote processen, nu over pedofilie, die in het oog van de pers en de publieke opinie komen te staan. Xenofobie en racisme steken steeds meer de kop op. In Zweden worden vluchtelingencentra in die jaren in brand gestoken. De uitspraak van een van Eric's kompanen dat de strijd tegen racisme en islamofobie de grootste zal zijn in de komende jaren/decennia en er een 'oorlog tussen beschavingen' , is eigenlijk een weliswaar achteraf gezien gemakkelijke maar toen toch al aangekondigde waarschuwing door journalisten/politicologen als Francis Fukuyama. Het is niet toevallig dat de Zweedse titel daar deels naar verwijst. Het is ook niet toevallig dat Guillou dit deel net laat stoppen op de exacte datum van 10 september 2001.

Het is goed dat Guillou op zoek moet gaan naar een slotpunt. De nadrukkelijk opgezochte geschiedenis en juridische tendensen beginnen nu toch wel vermoeiend en wat zeurend te worden.
Ook de vertaling begint grotere opvallende mankementen te vertonen. Krukkige zinnen waren er van in het begin al bij die geen vlot Nederlands opbrachten, maar vreemde termen beginnen steeds nadrukkelijker voor te komen. Vluchtelingencentra worden bij de vertaler van dienst kampen genoemd, en de Caraïben al sinds twee delen Westindië, afgeleid van het archaïsche Zweedse woord, maar onduidelijk voor een groot deel van de moderne Nederlandstalige lezers.

Jan Guillou heeft er zeker een exploot op zitten door de twintigste eeuw samen te ballen in een familie-epos over tien delen, en hij is ongetwijfeld een expert met een encyclopedische kennis die ook veel onderzoek heeft ondernomen, maar een literator kan hij aan het einde van de reeks echt niet meer genoemd worden. Het is een goed ding en hoog tijd dat hij na deze serie zich kon beginnen herbronnen. Ook de vertaler en de redactie mogen in eigen boezem kijken voor wat de vertaling betreft. Wat wel de moeite blijft, zijn de covers van de Nederlandse uitgaven die in tegenstelling tot de Zweedse uitgaven steeds vergelijkbaar zijn gebleven.

Uitgeverij Prometheus
2017 - 2020
Vertaler: Bart Kraamer


--- Als jij een reactie post op dit bericht, krijg ik hier een melding van. Ik lees je reactie eerst voor ze onder deze blog publiek te publiceren. Als jij anoniem een reactie achterlaat, wil ik je vragen met je voornaam af te sluiten zodat ik toch een idee heb van wie jij bent! Alvast bedankt. Kopieer deze link in je browser als je mijn blog wil volgen via follow.it: https://follow.it/villanathalieoverlezen

Populaire blogs