Zoeken in deze blog

05 april 2026

Nieuw boek over de geschiedenis van het Instituut voor Tropische Geneeskunde (ITG)

Artikel op antwerpenleest.be op 3 april 2026


Er zijn gebouwen die geschiedenis uitademen. De inkomhal van het Instituut voor Tropische Geneeskunde (ITG) aan de Nationalestraat in Antwerpen is zo’n plek. Loop er binnen en je stapt een aparte wereld binnen.

In 2026 is het de 120ste verjaardag van het ITG, een gelegenheid om de transformatie van een koloniaal instituut tot een academische hoog aangeschreven onderzoeksinstelling in de kijker te zetten.

Arts en adjunct-diensthoofd van de polikliniek Ludwig Apers beschrijft in het boek “Het Instituut voor Tropische Geneeskunde – Van tropenschool tot wereldinstelling” de geschiedenis van het ITG. Een vlot leesbare en boeiende wandeling door de knap aangelegde tuinen, het iconische art-deco gebouw en het voormalige 17de eeuwse kartuizerklooster in de Sint-Rochusstraat, omgebouwd tot een levendige campus voor vele internationale studenten. Tijdens die wandeling krijg je verhalen van talloze mensen die zich ooit met hart en ziel voor het ITG inzetten of nog steeds doen. Deze verhalen zijn rijkelijk gestoffeerd met foto’s uit het uitgebreide beeldarchief van het instituut.


© Ludwig Apers - Instituut voor Tropische Geneeskunde, Antwerpen

Daarnaast gaat het boek over wat lange tijd onuitgesproken bleef, de verwevenheid met het voormalige Belgisch Congo, over de toenmalige zucht naar exploratie en exploitatie van dat grote merengebied. “Zonder de kolonie was er geen instituut geweest,” schrijft Ludwig, “en toch is dat koloniale verhaal nooit beschreven.” Zijn boek is een inhaalbeweging, waarin het huidige ITG een spiegel wordt voorgehouden, en de lezers worden uitgenodigd om mee te kijken. Het heden en verleden van het ITG zijn onvermijdelijk gelinkt aan elkaar.


© Instituut voor Tropische Geneeskunde, Antwerpen

De School voor Tropische Geneeskunde werd in oktober 1906 opgericht door Leopold II in een villa in Brussel. De kliniek voor Tropenziekten werd ondergebracht in de Villa Coloniale in Watermaal-Bosvoorde. Dit was uit noodzaak, niet uit liefdadigheid. Heel wat kolonialen die naar Congo-Vrijstaat trokken, stierven immers binnen de tien jaar aan onbekende ziektes. Artsen en verpleegkundigen werden opgeleid zodat de uitbuiting verder kon worden gezet. Tegelijk was dit een medisch project en een pr-stunt waarmee Leopold II zijn internationale reputatie probeerde op te poetsen nadat er al heel wat verslagen van zijn vernietigende beleid in Congo waren verschenen.


© Instituut voor Tropische Geneeskunde, Antwerpen

In het gebouw zijn bepaalde kunstwerken weggehaald en naast de grote muurschilderingen in de monumentale trappenhal, geschilderd door Fernand Allard l’Olivier, zijn er QR-codes aangebracht om de context te schetsen. Hij toonde het exotisme van Afrika en zijn werken waren onderdeel van de destijdse koloniale propaganda. Het zijn kleine ingrepen in een groot gebouw. Het boek gaat ook over de vraag die op vele plaatsen in België en wereldwijd wordt gesteld: wat te doen met erfgoed dat getuigt van deze erg pijnlijke geschiedenis?


© Instituut voor Tropische Geneeskunde, Antwerpen


Het boek gaat verder ook over hoe het ITG is ontstaan in die context en verder is geëvolueerd.

Na de onafhankelijkheid van Congo in 1960 belandde het ITG in een existentiële crisis. De bestaansreden van het instituut leek weggevallen. Er werd vervolgens ingezet op ontwikkelingshulp. Artsen, veeartsen en verpleegkundigen uit Afrika, Azië en Latijns-Amerika werden uitgenodigd er te komen studeren.

Nog later kwam de switch naar wederzijdse capaciteitsversterking en academische uitwisseling met partnerinstituten. Studenten van over de hele wereld komen nu aan het ITG cursussen volgen rond gezondheidsbeleid, tuberculose, hiv, moeder- en kindzorg, epidemiologie, biomedische wetenschappen, labotechniek, enz. De cursussen willen echte uitwisseling mogelijk maken door studenten aan te trekken uit zoveel mogelijk verschillende landen.


© Instituut voor Tropische Geneeskunde, Antwerpen

Er werken ongeveer 500 medewerkers voor het ITG: onderzoekers, labotechnici, onderwijspersoneel, beleidsmedewerkers, administratief en technisch personeel ... 13 referentielaboratoria zijn nationaal en supranationaal erkend, onder andere door de Wereldgezondheidsorganisatie (WHO), om een waaier aan parasitologische, bacteriologische en virale aandoeningen vast te stellen, zoals slaapziekte, hiv, of tuberculose.


© Instituut voor Tropische Geneeskunde, Antwerpen

Lokaal is het ITG vooral gekend voor haar polikliniek, waar het reizigers verwelkomt die vaccins willen vooraleer ze naar verre oorden vertrekken. Sommigen komen met bepaalde symptomen terug na hun vakantie, en zijn doorgestuurd naar het ITG voor een diagnose, gaande van malaria via dengue tot chikungunya.

Peter Piot, die tijdens zijn ITG-carrière ebola in kaart bracht samen met zijn Congolese partners, ging zich in 1979 richten op soa’s. Hij richtte zijn eigen soa-kliniek op, wat initieel begon met een aparte ingang en consultaties na de openingsuren, want het mocht niet te openlijk. Nadat in de jaren 1980 het hiv-virus werd ontdekt, werd deze afdeling sterk uitgebreid. Nu telt de hiv/soa-kliniek zo’n 12.000 patiënten per jaar. Hiv kan inmiddels dankzij medicatie onder controle gehouden worden, maar personen met hiv worden nog steeds levenslang opgevolgd. Het aantal nieuwe hiv-infecties is echter niet noemenswaardig afgenomen en, integendeel, weer in stijgende lijn. Hiv/aids blijft een van de belangrijkste onderzoekslijnen van het ITG.

Piot groeide uit tot wereldvermaard expert op het vlak van hiv/aids, was o.a. voormalig directeur van het UNAIDS-programma van de Verenigde Naties, en directeur van de Britse tegenhanger van het ITG, de London School of Hygiene & Tropical Medicine. In 1995 kreeg hij de Belgische adellijke titel van baron toegekend.
In 2025 kreeg de vorige directeur van het ITG, Lut Lynen, als dank voor haar vele maatschappelijke verdiensten eveneens de titel van barones toegekend.

Verschillende generaties ITG-alumni uit alle continenten zetten zich wereldwijd in voor het uitroeien van verwaarloosde tropische ziekten en het bevorderen van gezondheid wereldwijd. Het ITG heeft gedurende al die jaren ontelbare samenwerkingsverbanden met universiteiten en onderzoeksinstellingen opgebouwd om volksgezondheid wereldwijd te versterken, academisch te excelleren en maatschappelijk relevant te blijven.


© Instituut voor Tropische Geneeskunde, Antwerpen

Over al deze mensen en nog veel meer lees je in dit boek “Het Instituut voor Tropische Geneeskunde – Van tropenschool tot wereldinstelling”. Je krijgt een inkijk in wat er allemaal achter de dikke muren van dit 120 jaar oude gebouw gebeurd is, en wat er vandaag allemaal gebeurt. In dit jubileumjaar komen er nog activiteiten, zoals een Opendeurdag in mei en in het laatste kwartaal van 2026 een grote expo over 50 jaar ebola-onderzoek.

Het boek werd op 17/3/2026 voorgesteld voor een volle aula met collega’s, ex-collega’s en vrienden van het ITG. Als startpunt was er een paneldiscussie met voormalig directeur Lut Lynen, communicatieverantwoordelijke en mede-auteur van Nico Van Aerde, politicologe en auteur Nadia Nsayi, en vanuit Erfgoed Sint-Andries Gabriëlle Guldix.

Het boek is ook beschikbaar in het Engels. 
__________________________________________________________________________

Ludwig Apers studeerde af als arts aan de Universiteit Gent en specialiseerde zich in tropische geneeskunde aan het ITG. Hij werkte meerdere jaren als arts in Zimbabwe en behaalde een master in de volksgezondheid. Sinds 2002 is hij verbonden aan het ITG, waar hij zich toelegt op hiv/soa-zorg en lesgeeft in postgraduaatopleidingen. In 2008 promoveerde hij tot doctor. Naast zijn wetenschappelijk werk, met tal van publicaties op zijn naam, schrijft hij ook fictie en non-fictie.*

Sandrine Verstraete wint de Herman de Coninckprijs 2026 met 'Kamers'

Artikel op antwerpenleest.be op 24 maart 2026, foto's: © Nathalie Brouwers 

Een verslag van de prijsuitreiking op 21 maart, Wereld Poëziedag.





Een zaterdag met zon en een helblauwe hemel, en nog wel op Wereld Poëziedag. Ik kuier rond of eerder haast me, als literaire gulzigaard:
  • van de “Poets’ Corner” met Peter Holvoet-Hanssen in “den Botaniek”
  • via het Plantin-Moretusmuseum, de bakermat van de drukkunst die in een nieuwe expo kunst, plantkunde, en dichters samenbrengt,
  • naar de Bourlaschouwburg voor een zware lezing over de vernietiging en de weerbaarheid van Gaza en waar twee Gazaanse auteurs voorlezen,
  • om tenslotte te eindigen in zaal Platform van veilinghuis Bernaerts voor de uitreiking van de Herman de Coninck-prijs 2026 voor de beste Nederlandstalige dichtbundel.

De link met de letteren is telkens aanwezig – gelukkig met hier en daar een stop om de innerlijke mens te versterken en wat frisse lucht op te snuiven.

Voor de prijsuitreiking in de geweldige zaal Platform zijn feestelijk versierde tafeltjes klaargezet voor alle poëzieliefhebbers. Vooraan een groot scherm zodat ook het publiek achteraan de volgorde van de sprekers en dichters goed kan volgen.

De shortlist werd op 21 februari — de verjaardag van Herman de Coninck — bekendgemaakt.

Alle zes genomineerden zijn aanwezig en lezen voor uit eigen werk. Eén gedicht per auteur is opgenomen in de zevende editie van bloemlezing De 44, een publicatie van Behoud de Begeerte en het PoëzieCentrum die we achteraf meekrijgen en die je ook kan aanschaffen in de betere boekhandel aan de democratische prijs van 5 €.





Deze bloemlezing bevat zowel debuterende, aan de weg timmerende als gevestigde waarden. Twee debutanten stonden dit jaar op de shortlist. De regel van de jury schrijft voor dat er telkens één debutant op de shortlist moet staan, en die lat is de laatste jaren altijd met gemak gehaald.

Piet Piryns, groot poëziekenner, presenteert en leidt het publiek vlot doorheen de avond in zijn kenmerkende eigen humoristische stijl. Singer-songwriter Emma Hessels bijt de spits af met fijn besnaarde muziek, waarna Piryns traditiegetrouw start met een gedicht van de grote Herman de Coninck zelve.

In ronde 1 staan Maxime Garcia Diaz met haar bundel 'Het netwerk moet gebouwd worden' - over het digitale bestaan - en Jolanda Kooijmans met 'Addertje' - een duistere fabel over het kwaad in nieuwe gedaantes - vooraan op het podium. Het valt direct op hoe divers de genomineerde werken zijn, in inhoud én vorm, en steevast passend bij de nieuwe moeilijke tijden.

Ronde 2 brengt Sara de Koning, wier bundel 'Tekstielen' volgens de jury een nieuwe dichtvorm introduceert die naast de limerick, de haiku en het sonnet mag staan, en Yasmin Namavar, samen, die in haar bundel 'ver/blijf' haar Nederlands-Iraanse roots tot leven wekt en Perzische lyriek met meer verhalende verzen combineert. Daar ben ik alvast erg benieuwd naar. Alle genomineerde bundels zijn hopelijk snel te vinden in de lokale bibliotheek!

Na een nieuwe muzikale pauze presenteert Piryns het laatste duo van de avond: Peter Verhelst, die zich dankzij de intro van de ginnegappende presentator “de opa van het gezelschap” voelt, met zijn genomineerde bundel 'Nachtatlas', en de na enkele jaren in de poëzie terugkerende Sandrine Verstraete die de jury ook heeft omvergeblazen. Verhelst mag zich dan al opa voelen, genieten van zijn stem als ik even enkele minuten mijn ogen sluit, lukt me nog altijd heel goed. Kan die man eraan doen dat hij al jaren prachtige bundels aflevert? Euh, ja zeker?




Maar niet voor niets staat Sandrine Verstraete als laatste op het podium: zij is dit jaar de laureate. Met haar bundel 'kamers' won ze de jury volledig voor zich. De lofbetuigingen van jurylid Jelle van Riet liegen er niet om. Na de dankwoorden ging die veelbelovende bundel — ook dankzij de kwinkslag-dreigementen van Piryns — mee naar huis dankzij de verkoopstand van De Groene Waterman.

Met woorden en beelden die nog even nazinderen wordt het tijd om op huis af te gaan. Niet zonder verwachting fiets ik nog eens de route langs de Noorderbrug. Jammer genoeg mag ik direct doorrijden, en krijg ik de gelegenheid niet dat gedicht van Stijn Vranken (tegengekomen in het Plantin Moretusmuseum) nog eens te bewonderen, en rustig de tijd te nemen om die daar te staan verliezen. Zonde, maar ach de vermoeidheid deed zich wel gevoelen na deze lange dag!



Dit was de Startshow van de Poëzieweek 2026

Artikel op antwerpenleest.be op 02/02/2026

De Arenbergschouwburg liep de voorbije woensdag goed vol voor een rijk gevulde Startshow van de Poëzieweek.


De avond werd geopend met eregaste Ellen Deckwitz, de Nederlandse dichter die de eer te beurt viel dit jaar het Poëzieweekgeschenk te mogen schrijven, en die met alle égards werd aangekondigd door presentatrice van dienst Ella Michiels. Nu ja, eerst bracht Johannes is zijn naam (aka Johannes Verschaeve) de poëtische sfeer erin met zijn uitstekende gevoelige Nederlandstalige popsongs. Qua woordkunst zijn Verschaeve’s songteksten ook pareltjes om elk om beurten door een ring te halen.




Ellen Deckwitz, die ook stadsdichter is van Nederlands literaire hoofdstad, Amsterdam, startte daarna met een wervelende performance. Om deze performance af te kruiden had ze haar broer Dirk-Jan meegevraagd om daarbij de muziek te voorzien die er een belangrijk deel van uitmaakte.

Er waren de gedichten uit haar geschenkenbundel die eerst werd opgevat als een aanzet om mensen die het vertrouwen in de wereld verloren hebben, terug vertrouwen te doen krijgen om samen dingen te bereiken. Gaandeweg verwerkte Deckwitz er vooral liefdesgedichten in die ze begon te schrijven na zelf een moeilijke periode te hebben beleefd, en die het hebben over hoe je kan veranderen – groeien, zo je wil – als je een liefdesbreuk hebt meegemaakt. Die metamorfosen waren aangrijpend en herkenbaar, uit het leven gegrepen.





Toegankelijk ook zoals het Deckwitz als promotor van de poëzie betaamt die enkele boeken op haar conto heeft staan waarmee ze probeert de vrees van poëzie bij een breed publiek weg te nemen.

Ze las ook een essay voor over de invloed van artificiële intelligentie (A.I.) op de poëzie met een aantal plezante anekdoten, en gelukkig hier en daar vrolijke noten om het opgekomen publiek er in ieder geval niet mee plat te gooien. De andere aanwezige dichters kwamen toen op het podium want n.a.v. de speech over A.I. had de presentator over dit thema enkele vragen voorbereid om af te vuren. Dean Bowen, Robin Block, Evangeline Agape en Ruth Lasters mochten hier hun ei over kwijt, en lazen natuurlijk ook voor uit hun eigen werk, ieder in de eigen stijl.

Dean Bowen, vooral bekend als slam-poëet en ex-stadsdichter van Rotterdam, bracht scherpte en zijn onverwachte invalshoeken mee, Ruth Lasters haar ervaring en engagement in het sociaal-culturele leven, Evangeline Agape een ontwapenende eerlijkheid en een pas geschreven gedicht nadat ze een examen had afgelegd (ze studeert nog, vroedvrouw in wording!), en als laatste in dit rijtje Robin Block die zijn eigen ‘soundscape’ verzorgde.

Muziek was er overvloedig deze avond, waaronder je zeker het geweldige ritme en de dito melodie in de poëzie van Block mag meerekenen.

Als smaakmaker voor de te koop aangeboden poëziebundels die avond en de gelegenheid om met de dichters even te kunnen praten en hun handtekeningen te kunnen vragen, sloegen alle optredens met vlag en wimpel. Daarnaast kreeg je bij je aankoop die avond natuurlijk direct het wonderlijk mooie poëziegeschenk mee. Als je als poëzie-smuller, of beginnende -proever nog de gelegenheid hebt om een boekhandel binnen te springen deze week, laat je dan verleiden, snuister naar een bundel die je bevalt, en geniet van de poëzie! Niet alleen deze week, het hele jaar door!

Enkele poëzietips

15 februari 2026

Weduwenspek - Monika van Paemel

Een somber boek waarin feminisme aan bod komt door de tegenstelling en de dubbelzinnigheid te duiden

Weduwenspek Monika van Paemel - cover


Als eerste boek van Monika barones van Paemel ooit deze roman voorgeschoteld krijgen - dankzij de leesclub opnieuw - is geen sinecure om te behappen.


Weduwenspek is een zwaar en somber boek waarin we het verhaal leren kennen van Olivia. Zij moet afscheid nemen van de man waar ze een deel van haar leven mee heeft samengebracht, “Herr Gleicher”. (Mir ist es gleich = Het is me allemaal eender.) Dit leven herinnert Olivia zich levendig nu ze aan zijn bed gekluisterd is en tegen heug en meug de uren moet zien door te komen tot haar man gestorven is. Niet dat ze bij hem gebleven is, want jaren geleden heeft ze hem na vele ruzies, vernederingen, schuld- en schaamtegevoelens verlaten. Nu wil ze eigenlijk vooral dat hij naar haar luistert en zelfs begint te spreken omdat ze zijn reactie wil horen op haar verhaal hoewel hij in coma ligt. Toch komt het er niet van haar gedachten hardop uit te spreken omdat haar angst voor hem net te hard ingebakken is.

Via verwarrende flashbacks die in een associatieve stijl zijn neergeschreven, leren we hoe Olivia’s leven met deze narcistische vrouwen hatende man in de jaren ’60 en ’70, en die ooit haar professor was, er heeft uitgezien. Het is dan ook één lange jammerklacht over alle vernederingen die ze heeft ondergaan.

Als je dit boek grondig probeert te lezen en nadien ook in groep kan bespreken, kan je er wel heel wat uithalen qua feminisme. Naast het feit dat Olivia haar eigen werk heeft gecreëerd, een mode-atelier, heeft ze namelijk ook een vriendin, Lotte. Zij staat in alles voor een andere aanpak waar het partners aangaat en belichaamt wel de gewonnen seksuele vrijheid voor en door de vrouw tijdens de hippie-periode. Lotte beslist wél om losse relaties aan te gaan, en van de ene naar de andere te fladderen. Olivia gaat niet akkoord met de levensstijl van haar vriendin. Zij worstelt zowel met haar schaamtegevoel t.o.v. het huwelijk waarin ze wel gedwongen werd, maar evenzeer met het feit dat ze heeft geprobeerd dit te laten werken, haar plichten en verantwoordelijkheden wou opnemen en ze, mede door een grote kinderwens, alle daarbij komende vernederingen steeds ondergaan heeft. Ze is nog steeds woedend op hem en dient tegelijkertijd een soort van rouwperiode door te gaan.

Monika van Paemel stond zelf mee aan de wieg van de tweede feministische golf. Ze was ook een tijdje de voorzitter van Pen Vlaanderen, de organisatie die in Vlaanderen bestaat sinds 1930, en nog steeds opkomt voor de vrije meningsuiting, vrede, de mensenrechten en de veiligheid van auteurs en journalisten wereldwijd die bedreigd worden met vervolging, opsluiting, geweld en foltering door hun eigen onderdrukkende regimes.

Het verhaal overtuigt niet altijd even sterk en je moet echt wel doorbijten om er doorheen te raken. Toch is het inhoudelijk een boek om je tanden in te zetten, en werkt het ook enkele dagen door in je hoofd. De schrijfstijl en de taalrijkdom van de auteur zijn sowieso van zeer hoog niveau. Hier en daar ontwaar je ondanks de zwaarte zelfs humoristische observaties en beschouwingen. Het boek is gespekt met een grote afwisseling in scènes, innerlijke gedachtegangen en gesprekken met verschillende personages. Ten slotte wordt het geheel gedragen door een klassieke compositie met een eenheid van plaats, tijd en handeling, en aan het einde een deus ex machina in de vorm van een non die Olivia’s gemoed toch enigszins tot rust weet te brengen. De slotsom is dat deze roman de tijd en het studeerwerk waard is.

Titel: Weduwenspek
Auteur: Monika van Paemel
Uitgever: Querido
Jaar: 2013

11 februari 2026

Drijven - Myrthe van Velden & Lander Severins

Een pakkend en humoristisch verhaal in boekvorm net als in hun theatershows 


Drijven - Myrthe van Velden & Lander Severins cover


Soms spreiden artiesten hun gave van het woord over verschillende genres heen. Myrthe van Velden en Lander Severins zijn zo een duo. Al op jonge leeftijd mochten ze al proeven van het succes met maar liefst drie cabaretshows die een massa volk naar het theater hebben gelokt en hun nominatie in 2021 voor de Neerlands Hoop Cabaretprijzen.

Ze begonnen in huiskamers met hun eersteling “Lijmen”, die o.a. werd bezocht door een collega en mij op zijn beurt aanraadde om hen in het theater te gaan bezig zien. Lijmen was al uitgespeeld, maar na zelf van hun twee daaropvolgende shows “Broeden” en “Kroost” te hebben genoten, las ik nog niet zo lang geleden dit boek dat ze samen schreven over hun liefdesrelatie die ze hadden opgebouwd, sinds ze elkaar aan een theateracademie in het Nederlandse ‘s Hertogenbosch hadden leren kennen maar die na een aantal jaar ook was stuk gelopen. Zo eerlijk en kwetsbaar analyseren zowel Myrthe als Lander in dit boek heel publiekelijk wat hen bij elkaar bracht, maar ook wat hen daarna uit elkaar dreef in hun debuutroman.

Het is het relaas van een koppel dat halsoverkop verliefd werd op elkaar tijdens hun theaterstudies en beiden uit alle macht pogingen deden om hun relatie zo lang mogelijk te laten werken. De angst om de ander pijn te zullen doen en alleen verder te gaan is heel reëel en pakkend gebracht. Net als in hun shows wisselen ontroering en humoristische beschouwingen over het leven van alle dag elkaar af, van beide zijden. Bovendien moet het een kunst op zich zijn om zowel theatershows als zeker een roman die zo meeslepend is, met twee te kunnen schrijven. Het verder doen met elkaar als theaterduo terwijl ze als liefdesduo uit elkaar zijn, lukt hen wonderwel ondanks alle moeilijkheden die ze daarbij ondervinden, en daarvan vind je de neerslag terug in dit boek.

Het boek is doorspekt met knap gevonden beelden en zinnen die doorheen heel het boek geweven zijn en waardoor het vlot leest. Eigenwijs, een tikje koppig, het telkens opnieuw proberen, de angsten en twijfels die bij beiden de kop opsteken, navigerend in de liefde en het leven; je leert deze twee theatermakers beter kennen bij het lezen van dit herkenbare en eerlijke verhaal. Het is filmisch, of waarschijnlijk eerder in theaterscènes, geschreven. Denk daarnaast ook aan de prachtige Nederlandstalige liedjes die ze samen brengen, en dan hoop ik alvast dat ze samen nog lang verder zullen doen. En indien niet in boekvorm, dan toch zeker en vast in het theater! 


Titel: Drijven
Auteurs: Myrthe van Velden, Lander Severins
Uitgever: Vrijdag
Jaar: 2022

01 februari 2026

Achter de donkere wouden - Aleksandr Skorobogatov

Dit hartbrekende boek had nooit geschreven of gelezen mogen worden.


Achter de donkere wouden - Aleksandr Skorobogatov

Vorig jaar was ik op de voorstelling van dit boek en ondertussen heb ik het ook al een tijd geleden gelezen. De Witrussisch-Russische auteur Aleksandr Skorobogatov woont in Antwerpen en werkt al meer dan dertig jaar in België.

Zijn debuutroman Sergeant Bertrand bereikte wereldwijd miljoenen lezers, een aantal dat Belgische auteurs kan doen duizelen. In 2015 verscheen het ontzettend mooie Portret van een onbekend meisje , in 2017 het als in een roes geschreven Cocaïne en in 2020 het absurde hilarische boek De wasbeer. In 2024 ontving hij de Arkprijs van het Vrije Woord voor het publiekelijk aan de kaak stellen van het regime van de Russische president Poetin en diens voortdurende oorlog die Rusland voert in Oekraïne.

Nu is er weer een bijzonder boek, over het verlies van het meest dierbare voor deze auteur: zijn 15-jarige zoon Vladimir op een fatale nacht in Rusland in 2002. Dat Rusland had Skorobogatov verlaten nadat hij van de moeder van zijn zoon gescheiden was en naar Antwerpen was getrokken toen Vladimir 5 jaar oud was.

Vadimir is om het leven gekomen in één fatale nacht toen een groepje “hooligans” in opdracht van een Russisch-orthodoxe “priester” op zoek ging naar satanisten, volgens hem jongens van 13-14-15 jaar die samen optrekken en plezier hebben wat niet zou stroken met de strenge Russisch-orthodoxe kerk. Zonder enige reden zijn jongens door deze “sekte” ontvoerd, gefolterd en vermoord, en dit werd ook het lot van Vladimir. 

Skorobogatov probeert de daders van de moord op zijn zoon te begrijpen. De moordenaars kregen uiteindelijk 20 jaar gevangenisstraf, maar de priester in kwestie werd nooit bestraft wegens gebrek aan bewijslast. Vladimir werd het slachtoffer omdat hij samen met een vriend van hem werd aangevallen, die toen hij met een fles werd aangevallen en zijn evenwicht had verloren, sneller samen met de rest van de vriendengroep het donkere bos wist in te vluchten. Vladimir bleef staan, en Sacha blijft zich in zijn boek afvragen waarom en waarom.

Skorobogatov ging gebukt onder een schuldgevoel na dit verlies omdat hij zo lang geen contact meer had gehad met zijn zoon en hij er niet was om zijn zoon te redden van dit vreselijke lot. Het heeft 20 jaar geduurd vooraleer hij dit boek kon schrijven. In het besef de geliefde zoon niet meer tot leven te kunnen wekken, doet Aleksandr net dit voor zijn lezers door de brieven die hij met hem uitwisselt te delen, en hem zo ook terug dichter bij hem zelf te brengen.

Het deed de auteur op een of andere manier deugd, om zijn zoon terug bij hem te hebben en dat hij in een boek blijft verder leven. De ontstellende woorden die naar het hoe en het waarom zoeken, de gruwel beschrijven en tegelijkertijd dit ontzettende verlies en alle daarbij opduikende gevoelens op zulk een prachtige wijze uiten, blijft lang nazinderen bij iedereen die dit al las.

De opdracht van het boek luidt “Voor elk kind dat ons ontnomen is”. Als je daar even bij stilstaat in deze tijden…

Gelezen oktober-november 2025

Titel: Achter de donkere wouden
Auteur en vertaler: Aleksandr Skorobogatov
Uitgever: De Geus
Jaar: 2025

11 januari 2026

Gelezen oktober - december 2025

De 10 titels die ik las van oktober tot en met december 2025



Lessen - Ian McEwan, gelezen met de Merksemse Leesclub, mijn boekbespreking

Ik zal je schrijven - Nele Baplu, een warm aangeraden boekentip

Wat ons nog rest - Aline Sax (Boon Vakjuryprijs Kinder-en Jeugdliteratuur 2025), gelezen met de Merksemse Leesclub, een prachtig jeugdboek, een roman in verzen

De Wereld van De Wachter - Dirk De Wachter, een bib-boek, omdat ik al lang iets van de bekende psychiater wilde lezen 

In het niets - Jan Ducheyne en Simon Van Buyten, een gedichtenbundel dat samen werd afgeleverd met een lidkaart van de Partij voor de Poëzie. 

In het wit - Roderik Six, een van de mooiste en moeilijkste boeken van 2025

De 44 beste gedichten van de Herman de Coninckprijs 2025, diverse dichters uit Vlaanderen en Nederland

Achter de donkere wouden - Aleksandr Skorobogatov, een van de mooiste en moeilijkste boeken van 2025, niet vergelijkbaar met dat van Roderik Six. 

Atman!, een poëtisch kinderboek van Bart Moeyaert, prenten van illustrator Mark Janssen en waarop de gelijknamige familie-opera in het Nationale Opera en Ballet in Amsterdam is gebaseerd, door componist Leonard Evers. Alleen al goud waard omdat ik daar ook bij de premièrevoorstelling bij was! 

Roodvos - Peter Holvoet-Hanssen, een bundeling van alle vosgedichten van Peter HH, met daaropvolgend een nieuw hoofdstuk in het vossen-verhaal, opnieuw in nauwe samenwerking met zijn muze, eerste lezer en redactrice Noëlla Elpers. Geweldige poëzie, die je weer voor de helft begrijpt en voor 3/4de niet. Dat is niet logisch, en toch klopt het ongeveer. 😊

Schwalbe - Literatuur Vlaanderen, een literair tijdschrift verschenen in maart 2025 nav 25 jaar Literatuur Vlaanderen 

Populaire blogs