Zoeken in deze blog

06 juli 2026

Gelezen april - juni 2026

 



Waak over haar door Jean-Baptiste Andrea

Terwijl ik me eerst al helemaal kon verliezen in het boek Honderd miljoen jaar en een dag van deze auteur, had ik dit nu ook met dit Prix Goncourt-winnende boek uit Frankrijk, Waak over haar van deze auteur. Ik heb ervan gesmuld, en geprobeerd een stuk van de Italiaanse geschiedenis in me op te nemen. Lees hier mijn bespreking.Werd besproken in onze 'Merksemse leesclub'. 

Adrenalin door Ghayath Almadhoun (Engelse vertaling)

Wat kan ik nog schrijven over deze Zweeds-Syrisch-Palestijnse dichter die ik nu al langer volg? In december '25 was hij te gast op een Nuff Said-avond in De Studio in Antwerpen, en waar ik deze oudere bundel van hem kocht, met gedichten die wel een Engelse vertaling gekregen hadden maar nog geen Nederlandse in die tijd. De man weet zijn gedachten en inzichten over de oorlog in Syrië en de gewone mensen in heftige en prangende woorden om te zetten in deze bundel, want het is daarvandaan dat hij naar Stockholm vluchtte. Het respect voor hem groeit en groeit telkens ik hem opnieuw hoor. De volgende afspraak met hem: Crossing border op 8 november in de Arenbergschouwburg! 

De liefdesgedichten van Leonard Nolens

Naar aanleiding van de dood van Leonard Nolens op Tweede Kerstdag '25 heb ik deze prachtige bundel opnieuw gelezen en herlezen. Gedichten die onvergetelijk zijn, zowel in hun pracht als hun soms bedrieglijke eenvoud.  

Liefhebben door Laura van Dolron

Ik heb de theatervoorstellingen van deze Nederlandse theatermaker compleet gemist, maar na deze bundel vol korte teksten over allerlei soorten van liefhebben heb ik hier best spijt van gekregen. De spijt is gelukkig al gesleten, maar de herinnering aan dit ontroerende boek gelukkig nog niet. Een volgende keer ga ik deze naam in de culturele centra proberen niet meer te missen. 

Vrijages door Pia Fraus (Gaea Schoeters)

Pia Fraus is herrezen in de vandaag alomtegenwoordige Gaea Schoeters. Dit was een vernieuwde uitgave van haar bundel met erotische verhalen die in de jaren '90 van de vorige eeuw in het holebi-tijdschrift ZiZo stonden (een magazine dat taboe was en onterecht bij de seksblaadjes terechtkwam maar waar verschillende soorten artikels in verschenen) en daarna wel een hemel in prijzende recensie van een journalist van De Standaard kreeg. Zowel in Vrijages als in de opvolger Meer vrijages (ik vond nog een exemplaar hiervan ergens in een nabije Standaard-boekhandel) betreft het hier een aantal erg gevarieerde, humoristische, queer, sexy en avontuurlijke expliciete verhalen over vrouwen en genderfluïde personages die zich mannelijke vrijheden veroorloven en zich niet laten intomen. Emancipatorische verhalen zonder clichés. Heel vlot geschreven én te lezen. Taboedoorbrekend inderdaad. 




Charmolypi door Annelies Verbeke

Annelies Verbeke debuteerde begin dit jaar met een gedichtenbundel, na al een heel oeuvre van romans, kortverhalen en theater te hebben neergezet. Opnieuw laat ze zien hoe sterk ze is: poëtisch, verhalend, relevant, humoristisch, stijlvol en uitreikend naar vele literaire referenties over tijd en ruimte heen. Ze volgt doorheen heel de gedichtenbundel Nisaba, de Soemerische schrijfgodin. De Soemerische beschaving bloeide in Mesopotamië (ong het huidige Irak) in de jaren 4500 a.C. tot ong. 1900 a.C. De Soemerische priesteres Endehuanna die als eerste auteur ooit te boek gestaafd staat, leefde van 2285 - 2250 a.C., en vereerde Nisaba. Verbeke had het over die Endehuanna in haar kortverhalenbundel Treinen en kamers, en komt dus weer heel beslagen over. Grappig is ook dat ze in haar boekpresentatie vertelde dat ze de indeling van haar bundel in kleine hoofdstukjes ('Nisaba heeft geduld', 'Nisaba ruimt het zelf wel op', 'Nisaba vergat', 'Nisaba legt zich erbij neer', 'Nisaba vraagt het aan Google AI') heeft ontleend aan de in Vlaanderen welbekende Tiny-boeken. Dat triggerde bij mij ook goede leesherinneringen! 

Malpertuis door Jean Ray (John Flanders en een aantal andere pseudoniemen)

Als laatste boek van de Merksemse leesclub van het schooljaar was het de beurt aan Malpertuis van Jean Ray, ook wel gekend als John Flanders die veel beroemde Vlaamse filmpjes heeft geschreven (voor scholieren bedoeld). Malpertuis werd betiteld als eerste Belgische fantasy klassieker en zelfs internationaal, met ontelbare vertalingen. Het werd zelfs verfilmd door Harry Kümel. Ik vond het verhaal vooral complex. 
Jean Ray mag dan wel in Gent gewoond hebben. Net als de enige Nobelprijswinnaar, Maeterlinck, die ook uit Gent kwam, schreef hij in het Frans, en is dit boek dus vertaald. Eerst door een later erg bekend geworden andere magisch realistische auteur, Hubert Lampo, en nadien door 2 minder bekende vertalers, die er volgens mij de vaart en de 'special effects' wat hebben uitgefilterd. Ook dankzij hun ontelbare voetnoten, die naar mijn aanvoelen dikwijls niet terzake deden. 
Het verhaal zelf is opgebouwd als een verzameling gevonden geheime documenten, die zijn geschreven door verschillende personages waaronder het hoofdpersonage Jean-Jacques Grandsire, die grosso modo allemaal vertellen over het mysterieuze spookhuis Malpertuis waar een aantal erfgenamen moeten samenwonen om hun erfenis te krijgen. Dit 'Malpertuis' zou zich wel in Gent bevinden, maar hoewel er naar gezocht is geweest doorheen de jaren, werd het nooit echt gevonden. 
De associatie met het beroemde fort 'Malpertuus' van de vos Reynaert kan best uit de koker van deze Jean Ray gekomen zijn, aangezien er naar het einde toe ook een vos met slinkse en slechte streken het blijkt te besturen, zelfs over de dood heen. 
Het label 'horror' is wat ver gezocht, wel gaf het boek me uiteindelijk een heel beklemmend en ongemakkelijk gevoel naar het einde toe. Meer "gezochte" horror-verhalen zitten volgens mij meer in het moment, dit boek bleef wat meer plakken en de plot was voor mij eigenlijk totaal onverwacht. 

Nachtatlas door Peter Verhelst

Voorbijgestoken dit jaar door een jongere garde dichters op de Herman de Coninck-poëzieprijs blijft deze reus van de hedendaagse Vlaamse poëzie me boeien en doet hij me nadenken over zijn metaforen en zijn stijl van verzen. Zijn laatste bundel was weer een exquise buffet van geweldig bedachte en onwerkelijke associaties en zijn geweldige sensibiliteit. 

Ik ben hier! door Joke van Leeuwen

Opnieuw laat Joke van Leeuwen zich in dit boek zien als een der meest meelevende auteurs die ik ken. Dit verhaal gaat over een klein meisje, Jona, dat alleen achterblijft in een groot woonblok terwijl de plaats waar ze woont helemaal ondergelopen is. Wolem, haar dorp, is namelijk onder zeespiegelpeil gebouwd (wat niet in Ndl?) en haar vader heeft zich hier altijd al zorgen over gemaakt. Hoe de auteur de relatie beschrijft van het meisje en de vader die steeds aan het werk is, en die met z'n tweeën na verlaten te zijn door moeder en echtgenote, getuigt van het naast elkaar leven en beider eenzaamheid. 
Joke van Leeuwen schrijft zoals steeds met weinig woorden over vele gevoelens en ook nu weer over een maatschappelijk relevant thema: de klimaatcrisis die door menselijke fouten nu uitmondt in een overstroming. Het steeds maar meer moeten consumeren en geld verdienen (in eenvoudige woorden het kapitalisme uitgelegd). Ze heeft een patent op eenzaten als hoofdpersonages, kinderen die vooral in hun eigen hoofd en hun eigen fantasie leven. Jona is erg creatief, en weet zich uit de slag te staan, ook al wordt het heel moeilijk naar het einde toe. Opnieuw een aanrader van jewelste!  



Het jongensuur door Andreas Burnier (Catharina Irma Dessaur)

Ook weer een boek geschreven onder een pseudoniem. Catharina Irma Dessaur, een Nederlandse auteur en feministe, schreef als een van de eerste over homoseksualiteit en transgender-gevoelens onder dit mannelijke alias.In dit dunne boekje uit 1969 dat in 2025 plots de Vlaamse canon binnenkwam, gaat het over een joods meisje dat de nasleep van de Tweede Wereldoorlog in Duitsland meemaakt, en terwijl ze nog op verschillende plekken moet schuilen, in verwarring over haar lichaam opgroeit en gevoelens voor vrouwen begint te ontwikkelen. Dit is een beklijvend en prachtig geschreven coming-of-age verhaal avant la lettre voordat dit genre trouwens een echt ding werd. Het is eigenlijk een autobiografisch verhaal van Dessaur zelf, die in een joods liberaal gezin opgroeide. Ze werkte als professor in de criminologie aan de toenmalige Katholieke Universiteit Nijmegen, nu de Radboud University.

Ontevreden door Beatriz Serrano

Ontevreden was ik een beetje over dit boek, maar ja, ik wou nog aan een leesclub meedoen uit het hippe BoHo, dus las ik dit succesvolle boek uit Spanje. Een boek dat toch wel vooral "generation Z" portretteert, werd er gezegd in deze groep, die niet zo snel meer tevreden is van een leven waarin toch veel tijd gaat naar de job die je uitoefent, terwijl dit voor de zogenaamde "generatie X" en oudere millenials toch meer voor de hand zou liggen. Dat zijn clichés natuurlijk.
Het hoofdpersonage uit dit boek is een vrouw die een masker moet opzetten in de fake aandoende advertising-wereld, zichzelf niet kan zijn, en ook nog enorm tegen een teamweekendje opkijkt als ware het een horrorverhaal. Eenzaamheid is in feite haar grootste probleem wat wel heel herkenbaar én relevant is deze tijd. Dat ze vooral een klaagzang neerschrijft en er weinig zelf aan probeert te doen, is redelijk frustrerend als lezer. De schrijfstijl en de constructie van dit boek hebben me niet echt overtuigd. Op een andere manier geschreven was me dit waarschijnlijk beter in de smaak gevallen. 

De blanke gave door Ellen Deckwitz

In deze gedichtenbundel schetst de Nederlandse dichter Ellen Deckwitz een vrij apocalyptisch beeld van een wereld waarin het water oprukt. Moeders slepen hun kinderen op het droge en geliefden verdwijnen. De IKEA loopt onder en de A2 verandert in een heel kalm, groot kanaal. De aarde droogt op, de zee is bruin en de hemel is niet blauw meer. Door de heldere taal, de sterke beelden en de ontroering komt de bundel enorm binnen. De gedichten staan elk op zichzelf en klagen de toestand van ons milieu aan. Ellen Deckwitz is gekend voor haar constante promotie voor de poëzie, heeft op heel wat literaire festivals opgetreden (Lowlands, Poetry International, de Nacht van de Poëzie) en schreef de populariserende poëzie-handleidingen "Olijven moet je leren lezen" en "Dit gaat niet over graasmaaien". Deze bundel is krachtig en wakkert je zin aan om je te blijven engageren voor onze omgeving. Een combinatie van Ellen Deckwitz en Moya De Feyter bv zou me zeker uit mijn zetel halen. 

Naar Constantinopel door Michaël Vandebril en Bart Pluym

Een andere bundel die je naar de wereld rondom je doet kijken, en met name naar de huidige landen die op de Via Egnatia liggen, de eeuwenoude weg tussen Rome naar Constantinopel. Deze weg vormde ooit de levensader van achtereenvolgens het Romeinse, het Byzantijnse en het Ottomaanse rijk. Auteur en "literair coördinator in hoofdberoep" Michaël Vandebril en illustrator-schilder-antropoloog Bart Pluym vervolgden hun weg die ze in hun vorige gezamenlijke bundel "Op de weg van Appia" samen afreisden, het eerste deel dat hen langs de Via Appia van Rome naar het huidige Brindisi brengt, een stad die zich in de hak van de laars bevindt. Nu reisden ze door Albanese bergpassen, het afwisselende Noord-Macedonië en Griekenland naar het huidige en nog steeds mysterieuze Istanboel, de voormalige hoofdstad en nog steeds de belangrijkste financiële metropool van Turkije. Cultuur en natuur wisselen elkaar af, en je krijgt een roadtrip te lezen die je doet stilstaan waar nodig, en enkele bladzijden later nog steeds verder wilt lezen. Zo hang je aan de lippen van de dichter die je opnieuw laat laven aan zijn overvloedige schrijfstijl die wel wat aan de Italiaans/Franse rococostijl doet denken: raffinement, elegantie, rijk gedecoreerd (hier in woorden), maar ook voldoende luchtigheid op heel wat momenten. Vele thema's komen aan bod op deze roadtrip onder vrienden. Heerlijk om weer mee te leven met een reis in één lang gedicht afgewisseld met geweldig mooie tekeningen. Dit las weer enorm vlot! 

19 juni 2026

Uitgever(ij) in de kijker: Jurgen Maas



Artikel gepost op antwerpenleest.be op 15 juni 2026

Door Nathalie Brouwers

Jurgen Maas is tegenwoordig veel te vinden in Antwerpen: hij was in onze stad voor enkele activiteiten in maart dit jaar toen het Nomadisch Monument voor Gaza naar Antwerpen kwam dankzij het M HKA, en er voor die gelegenheid een programma uitwaaierde van datzelfde M HKA via het oude Raamtheater in De Vrièrestraat tot in de Bourlaschouwburg. Eind maart was hij er bij in zaal Platform voor de Herman de Coninckprijs waarvoor Yasmin Namavar op de shortlist stond met haar dichtbundel Verblijf. In mei was hij met enkele auteurs aanwezig bij een activiteit van Pen Vlaanderen in boekhandel De Groene Waterman.

Met zijn uitgeverij probeert hij specifiek vertaald werk uit het Midden-Oosten en Noord-Afrika aan bod te laten komen, in proza en poëzie, zowel als in literaire en journalistieke non-fictie. Daarnaast is er nog een klein Nederlandstalig aandeel waarin hij wat aan het freewheelen is, en waarin vooral de focus ligt op thema’s die hij zelf heel belangrijk vindt.

Hoe kwam je ertoe om met een uitgeverij te beginnen? Van waar kwam de liefde voor het boek?

Ik combineerde mijn liefde voor lezen met mijn job als journalist bij een Nederlandse radio-omroep. Daarnaast maakte ik 20 jaar lang als vrijwilliger ook een tijdschrift over het Midden-Oosten. In 2010, zo rond m’n 40ste, vroeg ik me af of ik daar nog mee verder wilde. Toen zat ik al met het idee om een uitgeverij van een vriend over te nemen (Bulaaq) maar daar was het toen de tijd nog niet voor. Hij stelde me de vraag waarom ik niet voor mezelf wilde beginnen. En hij wilde graag adviseur voor mij zijn. Tijdens mijn studies had ik mijn studie politicologie gecombineerd met de journalistiek, vooral rond het Midden-Oosten. En ik las daardoor in die tijd vooral non-fictie. Toen ik met mijn eigen uitgeverij begon, las ik al wel meer fictie. Ik wilde zelf meer lezen uit die regio maar kan geen Arabisch. Dus ben ik de boeken die ik zelf wilde lezen in vertaling maar beginnen uitgeven, zodat ze ook toegankelijk werden voor anderen.

Hoe kwam en kom je te weten welke boeken je wilt uitgeven als je de taal niet kent?

Ik ben begonnen met een klein netwerk van enkele informele contacten in het literaire veld, en vroeg hen of ze mij tips konden geven. Vervolgens ga je met schrijvers samenwerken, waarvan je ook weet dat ze binnen enkele jaren opnieuw een boek zullen hebben om uit te geven. En schrijvers kennen schrijvers. Zij brengen hun eigen netwerk aan. Ten derde en heel belangrijk zijn ook de vertalers. Zij brengen in de meeste van de gevallen de boeken aan, en zijn dikwijls de beslissende stem of ik iets ga uitgeven of niet. Nog meer als het gaat om poëzie.

Ik neem ook vaak gewoon op gevoel een beslissing. En ik vraag het weleens aan een journalist of zo die een boek heeft besproken. Dat was bij voorbeeld het geval met Rubberboot van Vincent Delecroix toen die voor de Internationale Booker-prijs in het VK op de shortlist kwam. Ik heb toen meteen de beslissing genomen om die rechten te kopen. Ik vraag het altijd nog eens aan de vertaler of het een goed werk is. 

Behrouz Boochani heb ik dankzij De Morgen gevonden. Uiteraard zoek ik de auteurs ook op, lees ik artikels en interviews, en ga ik rondkijken op festivals en dergelijke. Zo kwam ik van Sulaiman Addonia te weten dat hij nooit voorleest in het openbaar. Kijk, dat kan natuurlijk ook. Maar dat weerhoudt er mij natuurlijk niet van om hen te gaan uitgeven.

Gelukkig maar. Beide auteurs hebben prachtige boeken geschreven. Wat was juist je drijfveer? Was het de minder bekende stemmen naar het Nederlandse taalgebied te brengen, want dat lijkt me niet zo makkelijk?

Ja, ik ben zeker op zoek naar stemmen of verhalen die je minder hoort, voor ons nog onbekend zijn en in een niet-Europese taal schrijven, ook binnen Europa. Zij hebben ook een enorme belangrijke stem te vertolken.



Je geeft daarnaast ook een aantal Nederlandstalige auteurs uit. Daar zie je niet specifiek naar de thema’s waarover ze schrijven?

Nee, naast de 70 tot 80% van de boeken die ik uitgeef uit het Midden-Oosten, gaat het van cartoonboeken tot Russische kunstenaars en politieke dissidenten die in de gevangenis zitten. Daarnaast zijn het ook boeken over thema’s die ik gewoon heel belangrijk vind. Chris Keulemans is er een goed voorbeeld van. Net is er een derde deel in zijn trilogie uitgekomen. Dat zijn vooral reisverhalen. Eerst was er Gastvrijheid, en dan Verzet. Nu ligt het laatste deel ervan Vriendschap in de rekken.

En hoe pak je het aan om deze auteurs en verhalen vervolgens te promoten?

De Vlaamse coöperatieve uitgeverij EPO vertegenwoordigt ons in Vlaanderen voor onze promotie en perscontacten. De verdeling naar de Vlaamse boekhandels loopt wel terug via Nederland. Op zich is het onder de aandacht krijgen van je auteurs bij journalisten en festivalorganisatoren niet veranderd t.o.v. vroeger. De sociale media zijn daar de laatste jaren ook heel belangrijk in geworden. Dat de ene auteur zich bekend maakt op sociale media en de andere auteur niet, is ook hun eigen keuze. Het belangrijkste blijft dat de boekhandel weet welke nieuwe boeken er aankomen, en daarvoor zijn er 2 à 3 keer per jaar boekhandelsbeurzen. Daar kan je vertegenwoordiger dan vertellen wat er aankomt en waarom juist dat ene boek in de winkel zou moeten liggen.

Hoe lang moet je als uitgever ongeveer op voorhand plannen?

De volgende aanbiedingsbeurs is begin september, en begin juni moet ik de titels doorgeven voor de brochure voor het volgende kwartaal. Vier maanden voor verschijnen ligt je lijst al vast, maar ik kan er nog altijd mee schuiven als ik ineens een ander boek wil uitgeven. Voor de Nederlandse boekhandels is er een digitaal beursplein. Ik maak ook een papieren editie voor de Belgische boekhandels.

Begin 2025 heb je dan toch Uitgeverij Bulaaq overgenomen van die vriend van je. 

Dat klopt. Zij geven vooral klassiekers uit het Midden-Oosten uit. Bij Bulaaq is er nu het boek Honderd-en-een-nacht (red: naar analogie met Duizend-en-een nacht).

Er is ook een boek met de titel De Zaak van de Dieren tegen de Mensen, en dat is een tekst uit de 10de eeuw uit Irak, over dierenrechten nog wel. Heel speciaal hoor. Er waren ook woordenboeken maar dat aantal is afgenomen. Ik heb binnenkort een bespreking gepland voor de uitgave van een Marokkaans reisverslag uit eind 12de / begin 13e eeuw dat nog nooit in het Nederlands vertaald werd. Dat wordt ook iets fantastisch! 

Op activiteiten van PEN Vlaanderen (en Nederland) komt er logischerwijze vaak een auteur van je stal aan bod, zoals onlangs nog in de Antwerpse boekhandel De Groene Waterman bij “RIHLA: what does home mean?” met auteurs Asmaa Azaizeh en Rasha Hilwi. Fatena al-Ghorra uit Antwerpen, die er ook was, geeft ook bij je uit.

Ja, we vullen elkaar goed aan door de raakvlakken die we hebben. Ellen Van Pelt, de coördinatrice van Pen Vlaanderen, ken ik ook wel [interview te vinden hier]. Aan een aantal auteurs die ik uitgeef, heeft vooral Pen Vlaanderen al regelmatig aandacht besteed. Voor de actie met de Lege Stoel, met Oeigoerse en Palestijnse auteurs, enz. Maar nu met Joke Hermsen als nieuwe voorzitter zal Pen Nederland zeker ook weer zichtbaarder worden. Dat gaat nu eenmaal in periodes.

Asmaa Azaizeh heeft een dichtbundel uitgegeven en er zit een memoir van haar bij ons aan te komen. Rasha Hilwa gaat ook haar eerste boek bij ons uitgeven in het najaar.

Een van de eerste boeken die ik van je uitgeverij las is Alleen de bergen zijn mijn vrienden van de Iraans-Koerdische auteur Behrouz Boochani, en die nu in Nieuw-Zeeland woont. Dat boek raakte mij enorm. Ghayath Almadhoun, een Syrisch-Palestijnse dichter, is één van mijn favoriete dichters geworden. Die heb ik in Antwerpen ook al een aantal keer zien optreden. 

Ghayath zal in november een maand te gast zijn in het schrijvers-appartement van het Brusselse Passa Porta. Dan komen er ongetwijfeld ook weer optredens. Ah ja, hij komt naar Crossing Border in Antwerpen! Maar ik mag niet vergeten dat mijn dochter dan ook jarig is, dat mag niet overlappen uiteraard.

Antwerpen is helemaal niet zo ver, en voor mij dichterbij dan pakweg Groningen. En er zitten geweldige boekhandels die ik nog wil bezoeken.

Via het Nomadisch Monument dat te gast was in Antwerpen kwam ik ook uit op het project “Stemmen uit Gaza” dat je samen organiseert met Ingrid Rollema, een beeldend kunstenaar uit Gaza, om specifiek Gazaanse auteurs hier uit te geven. Kan je daarover wat meer vertellen?

“Stemmen uit Gaza” is een idee dat afkomstig is van Ingrid. Zij werkt al meer dan 30 jaar aan kunstprojecten in de Gazastrook voor kinderen, en heeft daarvoor een stichting opgericht, de Hope Foundation. Op een gegeven moment wilde zij ook de literatuur uit Gaza naar Nederland brengen, door het opzetten van een literaire commissie in Gaza met allemaal lokale mensen. Zij maken sinds het project elk jaar een shortlist op van vijf titels, die dan in Nederland nog door een aantal andere mensen worden beoordeeld. Dat zijn Ingrid, Djûke Poppinga (vertaalster Arabisch – Nederlands), Ton van der Langkruis (oprichter Writers Unlimited Festival, voorheen Winternachten) en ikzelf.

Van die vijf wordt er dan één naar het Nederlands vertaald en uitgebracht. Daar kwamen we mee in februari ‘23. In Gaza hebben we dat jaar een aantal potentiële schrijvers ontmoet en afspraken gemaakt. In september dat jaar was het eerste contract getekend voor het boek Een tuin voor verloren benen van psycholoog en auteur Mahmoud Jouda.

Tja, en een maand later is daar dan de pleuris uitgebroken natuurlijk. Er is echter verder gewerkt. In 2025 is er een tweede boek verschenen in de serie, De man die achteromkeek van Amer Almassri.  
Het toeval wil dat deze twee auteurs nu beiden in België wonen, waardoor het natuurlijk makkelijk is om hen zelf hun werk te laten presenteren op activiteiten. Dit jaar komt er een derde boek uit, nu van een schrijfster die in Gaza woont. Dat was eerst voorzien in mei maar we wilden daar een heel speciaal boek van maken, qua vormgeving dan, en daarom zal dit er waarschijnlijk pas in juli aankomen. De titel wordt Niemand op de begraafplaats, een verzameling kortverhalen. Dat zal wel moeilijker worden voor presentaties, maar we gaan proberen zoveel mogelijk online te gaan om haar ook te laten spreken. 



Hoe leefbaar is het daar eigenlijk nog om met zulke dingen bezig te zijn? Dat vraag ik me dan af.

Ja, het is onbegrijpelijk hoeveel veerkracht veel mensen hebben daar. Onze contacten blijven inderdaad bezig ondertussen hoewel het heel zware, heftige toestanden zijn. Ook Ingrid blijft actief. De Hope Foundation werkt er nog steeds met haar lokale mensen. Er worden bij voorbeeld tekeningen gemaakt en die worden dan opgestuurd naar scholen in Nederland, een culturele uitwisseling eigenlijk. Scholen worden geïmproviseerd in tentjes, enz. Ze proberen er te zorgen voor faciliteiten, dat er les kan gegeven worden, allerlei dingen eigenlijk. Daar wordt altijd mee door gedaan. 

Kan je tot slot enkele boekentips geven die we zeker moeten lezen nu? 

Rubberboot – Vincent Delecroix

Dit boek gaat je geweten opvreten. Het is het verhaal over een rubberboot met 29 opvarenden die van Calais naar Londen proberen te raken. Maar de boot gaat zinken. Wat er dan gebeurt, wordt verteld vanuit de ogen van een Franse kustwachtmedewerkster. Ze heeft ook gewerkt op basis van authentieke opnames. Echt heel goed gewoon.




The Book of Khartoum (Soedan)

Dit boekje heb ik net gekocht in Londen. Het is een bundel met allemaal Soedanese auteurs. Het is een reeks van Comma Press. Er is er nu één net in residentie in Brussel geweest. Ik hoop dat ik daar werk van ga kunnen uitgeven.




Tekstielen - Sarah De Koning

Ik heb me onlangs deze dichtbundel aangeschaft, die me aantrok tijdens de uitreiking van de Herman de Coninckprijs en waarvoor Yasmin Namavar, dichteres van mijn uitgeverij, ook was genomineerd. Ik kijk ernaar uit om dit te lezen en beter te leren kennen en ben er al eens diagonaal door gegaan.




Vriendschap – Chris Keulemans

Dit is het slot van een drieluik over wat de wereld draaiende houdt. Het zijn reisverhalen over de belangrijke dingen van het leven. Vriendschap is ook één van de mooiste dingen in het leven. Wat is de waarde en de betekenis van vriendschap? Als je dat echt wilt voelen en beleven, lees je best Vriendschap van Chris Keulemans. 

Dank voor het goede gesprek en je boekentips!

10 april 2026

Waak over haar - Jean-Baptiste Andrea

Een overweldigend en terecht bekroond fresco van het 20ste eeuwse Italië


Boekcover

Een episch liefdesverhaal over de briljante leerling- beeldhouwer Mimo (Michelangelo) Vittaliani, geboren in een arme steenhouwersfamilie, en Viola Orsini, dochter van de belangrijke adellijke familie Orsini uit Genua: dit is het prachtige prijswinnende boek “Waak over haar” (Veiller sur elle) van de Franse auteur Jean-Baptiste Andrea.


Andrea sleepte zowel de prestigieuze Prix Goncourt als de Prix Fnac in de wacht met dit boek, na al hoge ogen te hebben gescoord met onder meer zijn minder barokke (maar niet minder heftige) roman “Honderd miljoen jaar en een dag”. Martine Woudt tekende voor de Nederlandse vertaling, die me ook al heel wat schoons uit het Franse taalgebied heeft geschonken.

Dit boek is overweldigend, veelomvattend, rijk aan actie en plottwisten. In zo'n 400 pagina's neemt Andrea je mee door de turbulente 20ste-eeuwse geschiedenis van Italië. Kunst en cultuur, feminisme, klassenstrijd, de opkomst en ondergang van het fascisme, de macht van het Vaticaan en de rol van de kunstenaar in dat alles – het komt allemaal voorbij. Zelfs de beginjaren van de Italiaanse film krijgen aandacht, met de legendarische Romeinse filmstudio Cinecittà die Mussolini hoogstpersoonlijk liet bouwen.

Vooral is deze vuistdikke roman bevolkt door de vele kleurrijke personages uit de omgeving van Mimo en de familie Orsini, waar Mimo uiteindelijk helemaal door zal worden opgenomen. Viola zal hij echter niet krijgen, vanwege hun beider afkomst maar vooral ook omdat ze elkaars opposanten zijn.

De roman is slim opgebouwd en past als een cirkel in elkaar. Het levenseinde van Mimo wordt al in de begin- en tegelijkertijd de slotscène van het boek beschreven. In het klooster waar hij de laatste 40 jaar van zijn leven heeft doorgebracht, ligt Mimo Vittaliani op sterven, omgeven door de abt en de monniken. Zelf is hij nooit als religieuze gewijd. Er moet nog wel een geheim worden onthuld in de loop van het boek. Hoe komt het dat er van Mimo maar weinig werken zijn overgebleven van hem en zijn echte pièce de résistance, de Pietà Vittaliani is weggestopt in datzelfde klooster, ontoegankelijk voor de buitenwereld? De auteur is ook beeldhouwer geworden: het eindresultaat zit al in de steen, of in dit geval het geheim in dit boek vervat, het moet er alleen nog “uitgehouwen” worden.

Je kan houden van zowel ingetogen als overvloedige boekwerken. Bij mij staat het één het ander niet in de weg. De maatschappelijke discussies en de opkomst en de neergang van het Italiaanse fascisme in dit boek zijn boeiend en leerrijk wegens nieuw voor mij. Kunst en liefde worden gebruikt als een element in de klassenstrijd.

Mimo werkt voor zijn kunstwerken op bestelling voor de kerkelijke en de steeds verschuivende politieke machten, maar levert telkens iets anders af dan er van hem wordt verwacht. Hij gebruikt het geld van zijn opdrachtgevers om zijn ambities waar te maken. Tot in de 20ste eeuw waren het rijke mecenassen, nu gaat dit dikwijls over het niet durven kwijtspelen van subsidies: wat is er nieuw aan?

Zowel Viola als Mimo waren in hun tienerjaren dromers die toen samen veel tijd doorbrachten, maar moeten en route leren rekening houden met hun omgeving als beperkende factor en proberen zich elk op hun eigen manier daartegen af te zetten. Viola blijft zich verzetten tegen de institutionele machten met dank aan haar erfenis, en kijkt er als de meest intelligente telg op toe dat haar familie niet te veel schade ondervindt van de kerende trend tegen het einde van de Tweede Wereldoorlog.

Mimo is tijdens zijn leven altijd klein gebleven, 1m40. Of hij aan dwerggroei leidde, wordt niet helemaal duidelijk. Na meedogenloos gepest te zijn geweest in het atelier waar hij als leerling terechtkwam, komt hij in aanraking met de volkse circuswereld waar hij zich eindelijk onder gelijken voelt. Daar zie je de steeds weerkerende dualiteit bij hem: hij wordt er bekeken voor wie hij echt is, maar wil zich tegelijkertijd niet identificeren met “zijn groep” noch er zich tot laten reduceren.

Dit boek behelst zo veel dat je je erin kan verliezen. De prachtige beeldrijke taal en de beschrijvingen van het Pietra d’Alba-plateau zijn de kersen op de al zwaar beladen taart. Op VRTMax loopt er nu een tv-reeks over de geschiedenis van fascistisch Italië, “Mussolini, son of the century”, wat me een mooie aanvulling lijkt.


Boek gelezen en besproken met de Merksemse leesclub


Titel: Veiller sur elle | Waak over haar
Auteur: Jean-Baptiste Andrea
Vertaler: Martine Woudt
Uitgever: Editions Iconoclaste | Uitgeverij Oevers
Jaar: 2023 | 2024

09 april 2026

Gelezen januari - maart 2026

Wat ik las in januari, februari en maart 


In de eerste drie maanden van dit jaar las ik drie heel verschillende romans en twee onvergelijkbare, ontwrichtende dichtbundels


 

Drijven van Myrthe van Velden en Lander Severins: 
Soms spreiden artiesten hun gave van het woord over verschillende genres heen. Myrthe van Velden en Lander Severins zijn zo een duo. Al op jonge leeftijd mochten ze al proeven van het succes met maar liefst drie cabaretshows die een massa volk naar het theater hebben gelokt en hun nominatie in 2021 voor de Neerlands Hoop Cabaretprijzen. Hun debuutroman "Drijven" is een pakkend en humoristisch verhaal in boekvorm net als bij hun theatershows. Een heel realistisch en vlot verhaal om te lezen. Meer lees je in mijn boekbespreking. 

Mythen en stoplichten van Alara Adilow:  

Wat een krachtige sterke stem, die Alara Adilow! Oppassen geblazen voor dit speciale poëziedebuut dat erg de moeite waard is. Over verlies, trauma, wonden proberen te helen, gelaagde identiteiten, vrouwen die strijden voor zichzelf,..

District & Circle van Seamus Heaney: 

Dit zijn twee bundels in een tweetalige versie - nee, geen écht Iers oftewel Gaeilge natuurlijk - van deze Noord-Ierse Nobelprijswinnaar samengebracht. Hoewel best ingewikkeld heb ik deze bundel niet opgegeven. De gedichten waren heel verhalend en schepten een bepaalde sfeer, veel oudere woorden begreep ik zelfs niet in het Nederlands maar toch bleef dit boeiend. Dit was totaal iets nieuws ten opzichte van wat ik meestal lees. De Antwerpse bibs zijn steeds verrassend! 

De Damiaanhoeve van Chris De Stoop:

De Damiaanhoeve van de diepgravende journalist/auteur Chris De Stoop was een eerder afstandelijk en droog literair true crime verhaal dat zich afspeelt in de Maasvallei waar er eind de jaren '90 - begin 2000 à volonté ontgrind wordt. Ik werd er niet warm van.

Weduwenspek van Monika van Paemel:

Ik las en besprak met de Merksemse Leesclub het boek Weduwenspek, een roman van Monika barones van Paemel uit 2013. Een hele kluif en er was weer heel wat te bespreken. Hier vind je mijn leeservaring. 

Artikels op antwerpenleest.be  

Mijn bijdragen aan de website antwerpenleest.be zijn nu ook op mijn blog te vinden. Zo schreef ik artikeltjes over de Startshow van de Poëzieweek op 28 januari, de uitreiking van de Herman de Coninckprijs op 21 maart en een nieuw boek over de geschiedenis van het Antwerpse Instituut voor Tropische Geneeskunde, "Het Instituut voor Tropische Geneeskunde – Van tropenschool tot wereldinstelling."

Literaire activiteiten

Op literair vlak bezocht ik nog Saint Amour in februari, de Straffe Vrouwenavond van de Merksemse bibliotheek, een lezing over literatuur uit Gaza mét Gazaanze auteurs in Antwerpen in maart, en op de valreep ook al in april de enthousiasmerende boekvoorstelling van Fleur Pierets over haar nieuwste fictieboek "Als alles goed gaat". Er is nog zoveel te lezen, te bekijken, te beluisteren, te ontdekken.

Podcast-tip 

De twee seizoenen van de geweldige podcast De kunst van het verdwijnen van Bart Van Nuffelen en Lucas Derycke van theatergezelschap Martha!tentatief op VRT Max of Spotify.    

05 april 2026

Nieuw boek over de geschiedenis van het Instituut voor Tropische Geneeskunde (ITG)

Artikel op antwerpenleest.be op 3 april 2026

Boekcover
© Instituut voor Tropische Geneeskunde, Antwerpen


Er zijn gebouwen die geschiedenis uitademen. De inkomhal van het Instituut voor Tropische Geneeskunde (ITG) aan de Nationalestraat in Antwerpen is zo’n plek. Loop er binnen en je stapt een aparte wereld binnen.

In 2026 is het de 120ste verjaardag van het ITG, een gelegenheid om de transformatie van een koloniaal instituut tot een academische hoog aangeschreven onderzoeksinstelling in de kijker te zetten.

Arts en adjunct-diensthoofd van de polikliniek Ludwig Apers beschrijft in het boek “Het Instituut voor Tropische Geneeskunde – Van tropenschool tot wereldinstelling” de geschiedenis van het ITG. Een vlot leesbare en boeiende wandeling door de knap aangelegde tuinen, het iconische art-deco gebouw en het voormalige 17de eeuwse kartuizerklooster in de Sint-Rochusstraat, omgebouwd tot een levendige campus voor vele internationale studenten. Tijdens die wandeling krijg je verhalen van talloze mensen die zich ooit met hart en ziel voor het ITG inzetten of nog steeds doen. Deze verhalen zijn rijkelijk gestoffeerd met foto’s uit het uitgebreide beeldarchief van het instituut.


© Ludwig Apers - Instituut voor Tropische Geneeskunde, Antwerpen

Daarnaast gaat het boek over wat lange tijd onuitgesproken bleef, de verwevenheid met het voormalige Belgisch Congo, over de toenmalige zucht naar exploratie en exploitatie van dat grote merengebied. “Zonder de kolonie was er geen instituut geweest,” schrijft Ludwig, “en toch is dat koloniale verhaal nooit beschreven.” Zijn boek is een inhaalbeweging, waarin het huidige ITG een spiegel wordt voorgehouden, en de lezers worden uitgenodigd om mee te kijken. Het heden en verleden van het ITG zijn onvermijdelijk gelinkt aan elkaar.


© Instituut voor Tropische Geneeskunde, Antwerpen

De School voor Tropische Geneeskunde werd in oktober 1906 opgericht door Leopold II in een villa in Brussel. De kliniek voor Tropenziekten werd ondergebracht in de Villa Coloniale in Watermaal-Bosvoorde. Dit was uit noodzaak, niet uit liefdadigheid. Heel wat kolonialen die naar Congo-Vrijstaat trokken, stierven immers binnen de tien jaar aan onbekende ziektes. Artsen en verpleegkundigen werden opgeleid zodat de uitbuiting verder kon worden gezet. Tegelijk was dit een medisch project en een pr-stunt waarmee Leopold II zijn internationale reputatie probeerde op te poetsen nadat er al heel wat verslagen van zijn vernietigende beleid in Congo waren verschenen.


© Instituut voor Tropische Geneeskunde, Antwerpen

In het gebouw zijn bepaalde kunstwerken weggehaald en naast de grote muurschilderingen in de monumentale trappenhal, geschilderd door Fernand Allard l’Olivier, zijn er QR-codes aangebracht om de context te schetsen. Hij toonde het exotisme van Afrika en zijn werken waren onderdeel van de destijdse koloniale propaganda. Het zijn kleine ingrepen in een groot gebouw. Het boek gaat ook over de vraag die op vele plaatsen in België en wereldwijd wordt gesteld: wat te doen met erfgoed dat getuigt van deze erg pijnlijke geschiedenis?


© Instituut voor Tropische Geneeskunde, Antwerpen


Het boek gaat verder ook over hoe het ITG is ontstaan in die context en verder is geëvolueerd.

Na de onafhankelijkheid van Congo in 1960 belandde het ITG in een existentiële crisis. De bestaansreden van het instituut leek weggevallen. Er werd vervolgens ingezet op ontwikkelingshulp. Artsen, veeartsen en verpleegkundigen uit Afrika, Azië en Latijns-Amerika werden uitgenodigd er te komen studeren.

Nog later kwam de switch naar wederzijdse capaciteitsversterking en academische uitwisseling met partnerinstituten. Studenten van over de hele wereld komen nu aan het ITG cursussen volgen rond gezondheidsbeleid, tuberculose, hiv, moeder- en kindzorg, epidemiologie, biomedische wetenschappen, labotechniek, enz. De cursussen willen echte uitwisseling mogelijk maken door studenten aan te trekken uit zoveel mogelijk verschillende landen.



© Instituut voor Tropische Geneeskunde, Antwerpen

Er werken ongeveer 500 medewerkers voor het ITG: onderzoekers, labotechnici, onderwijspersoneel, beleidsmedewerkers, administratief en technisch personeel ... 13 referentielaboratoria zijn nationaal en supranationaal erkend, onder andere door de Wereldgezondheidsorganisatie (WHO), om een waaier aan parasitologische, bacteriologische en virale aandoeningen vast te stellen, zoals slaapziekte, hiv, of tuberculose.


© Instituut voor Tropische Geneeskunde, Antwerpen

Lokaal is het ITG vooral gekend voor haar polikliniek, waar het reizigers verwelkomt die vaccins willen vooraleer ze naar verre oorden vertrekken. Sommigen komen met bepaalde symptomen terug na hun vakantie, en zijn doorgestuurd naar het ITG voor een diagnose, gaande van malaria via dengue tot chikungunya.

Peter Piot, die tijdens zijn ITG-carrière ebola in kaart bracht samen met zijn Congolese partners, ging zich in 1979 richten op soa’s. Hij richtte zijn eigen soa-kliniek op, wat initieel begon met een aparte ingang en consultaties na de openingsuren, want het mocht niet te openlijk. Nadat in de jaren 1980 het hiv-virus werd ontdekt, werd deze afdeling sterk uitgebreid. Nu telt de hiv/soa-kliniek zo’n 12.000 patiënten per jaar. Hiv kan inmiddels dankzij medicatie onder controle gehouden worden, maar personen met hiv worden nog steeds levenslang opgevolgd. Het aantal nieuwe hiv-infecties is echter niet noemenswaardig afgenomen en, integendeel, weer in stijgende lijn. Hiv/aids blijft een van de belangrijkste onderzoekslijnen van het ITG.

Piot groeide uit tot wereldvermaard expert op het vlak van hiv/aids, was o.a. voormalig directeur van het UNAIDS-programma van de Verenigde Naties, en directeur van de Britse tegenhanger van het ITG, de London School of Hygiene & Tropical Medicine. In 1995 kreeg hij de Belgische adellijke titel van baron toegekend.
In 2025 kreeg de vorige directeur van het ITG, Lut Lynen, als dank voor haar vele maatschappelijke verdiensten eveneens de titel van barones toegekend.

Verschillende generaties ITG-alumni uit alle continenten zetten zich wereldwijd in voor het uitroeien van verwaarloosde tropische ziekten en het bevorderen van gezondheid wereldwijd. Het ITG heeft gedurende al die jaren ontelbare samenwerkingsverbanden met universiteiten en onderzoeksinstellingen opgebouwd om volksgezondheid wereldwijd te versterken, academisch te excelleren en maatschappelijk relevant te blijven.


© Instituut voor Tropische Geneeskunde, Antwerpen

Over al deze mensen en nog veel meer lees je in dit boek “Het Instituut voor Tropische Geneeskunde – Van tropenschool tot wereldinstelling”. Je krijgt een inkijk in wat er allemaal achter de dikke muren van dit 120 jaar oude gebouw gebeurd is, en wat er vandaag allemaal gebeurt. In dit jubileumjaar komen er nog activiteiten, zoals een Opendeurdag in mei en in het laatste kwartaal van 2026 een grote expo over 50 jaar ebola-onderzoek.

Het boek werd op 17/3/2026 voorgesteld voor een volle aula met collega’s, ex-collega’s en vrienden van het ITG. Als startpunt was er een paneldiscussie met voormalig directeur Lut Lynen, communicatieverantwoordelijke en mede-auteur van Nico Van Aerde, politicologe en auteur Nadia Nsayi, en vanuit Erfgoed Sint-Andries Gabriëlle Guldix.

Boekcover Engelse editie
Het boek is ook beschikbaar in het Engels. 


















__________________________________________________________________________

Ludwig Apers studeerde af als arts aan de Universiteit Gent en specialiseerde zich in tropische geneeskunde aan het ITG. Hij werkte meerdere jaren als arts in Zimbabwe en behaalde een master in de volksgezondheid. Sinds 2002 is hij verbonden aan het ITG, waar hij zich toelegt op hiv/soa-zorg en lesgeeft in postgraduaatopleidingen. In 2008 promoveerde hij tot doctor. Naast zijn wetenschappelijk werk, met tal van publicaties op zijn naam, schrijft hij ook fictie en non-fictie.*

Sandrine Verstraete wint de Herman de Coninckprijs 2026 met 'Kamers'

Artikel op antwerpenleest.be op 24 maart 2026, foto's: © Nathalie Brouwers 

Een verslag van de prijsuitreiking op 21 maart, Wereld Poëziedag.





Een zaterdag met zon en een helblauwe hemel, en nog wel op Wereld Poëziedag. Ik kuier rond of eerder haast me, als literaire gulzigaard:
  • van de “Poets’ Corner” met Peter Holvoet-Hanssen in “den Botaniek”
  • via het Plantin-Moretusmuseum, de bakermat van de drukkunst die in een nieuwe expo kunst, plantkunde, en dichters samenbrengt,
  • naar de Bourlaschouwburg voor een zware lezing over de vernietiging en de weerbaarheid van Gaza en waar twee Gazaanse auteurs voorlezen,
  • om tenslotte te eindigen in zaal Platform van veilinghuis Bernaerts voor de uitreiking van de Herman de Coninck-prijs 2026 voor de beste Nederlandstalige dichtbundel.

De link met de letteren is telkens aanwezig – gelukkig met hier en daar een stop om de innerlijke mens te versterken en wat frisse lucht op te snuiven.

Voor de prijsuitreiking in de geweldige zaal Platform zijn feestelijk versierde tafeltjes klaargezet voor alle poëzieliefhebbers. Vooraan een groot scherm zodat ook het publiek achteraan de volgorde van de sprekers en dichters goed kan volgen.

De shortlist werd op 21 februari — de verjaardag van Herman de Coninck — bekendgemaakt.

Alle zes genomineerden zijn aanwezig en lezen voor uit eigen werk. Eén gedicht per auteur is opgenomen in de zevende editie van bloemlezing De 44, een publicatie van Behoud de Begeerte en het PoëzieCentrum die we achteraf meekrijgen en die je ook kan aanschaffen in de betere boekhandel aan de democratische prijs van 5 €.





Deze bloemlezing bevat zowel debuterende, aan de weg timmerende als gevestigde waarden. Twee debutanten stonden dit jaar op de shortlist. De regel van de jury schrijft voor dat er telkens één debutant op de shortlist moet staan, en die lat is de laatste jaren altijd met gemak gehaald.

Piet Piryns, groot poëziekenner, presenteert en leidt het publiek vlot doorheen de avond in zijn kenmerkende eigen humoristische stijl. Singer-songwriter Emma Hessels bijt de spits af met fijn besnaarde muziek, waarna Piryns traditiegetrouw start met een gedicht van de grote Herman de Coninck zelve.

In ronde 1 staan Maxime Garcia Diaz met haar bundel 'Het netwerk moet gebouwd worden' - over het digitale bestaan - en Jolanda Kooijmans met 'Addertje' - een duistere fabel over het kwaad in nieuwe gedaantes - vooraan op het podium. Het valt direct op hoe divers de genomineerde werken zijn, in inhoud én vorm, en steevast passend bij de nieuwe moeilijke tijden.

Ronde 2 brengt Sara de Koning, wier bundel 'Tekstielen' volgens de jury een nieuwe dichtvorm introduceert die naast de limerick, de haiku en het sonnet mag staan, en Yasmin Namavar, samen, die in haar bundel 'ver/blijf' haar Nederlands-Iraanse roots tot leven wekt en Perzische lyriek met meer verhalende verzen combineert. Daar ben ik alvast erg benieuwd naar. Alle genomineerde bundels zijn hopelijk snel te vinden in de lokale bibliotheek!

Na een nieuwe muzikale pauze presenteert Piryns het laatste duo van de avond: Peter Verhelst, die zich dankzij de intro van de ginnegappende presentator “de opa van het gezelschap” voelt, met zijn genomineerde bundel 'Nachtatlas', en de na enkele jaren in de poëzie terugkerende Sandrine Verstraete die de jury ook heeft omvergeblazen. Verhelst mag zich dan al opa voelen, genieten van zijn stem als ik even enkele minuten mijn ogen sluit, lukt me nog altijd heel goed. Kan die man eraan doen dat hij al jaren prachtige bundels aflevert? Euh, ja zeker?




Maar niet voor niets staat Sandrine Verstraete als laatste op het podium: zij is dit jaar de laureate. Met haar bundel 'kamers' won ze de jury volledig voor zich. De lofbetuigingen van jurylid Jelle van Riet liegen er niet om. Na de dankwoorden ging die veelbelovende bundel — ook dankzij de kwinkslag-dreigementen van Piryns — mee naar huis dankzij de verkoopstand van De Groene Waterman.

Met woorden en beelden die nog even nazinderen wordt het tijd om op huis af te gaan. Niet zonder verwachting fiets ik nog eens de route langs de Noorderbrug. Jammer genoeg mag ik direct doorrijden, en krijg ik de gelegenheid niet dat gedicht van Stijn Vranken (tegengekomen in het Plantin Moretusmuseum) nog eens te bewonderen, en rustig de tijd te nemen om die daar te staan verliezen. Zonde, maar ach de vermoeidheid deed zich wel gevoelen na deze lange dag!



Dit was de Startshow van de Poëzieweek 2026

Artikel op antwerpenleest.be op 02/02/2026

De Arenbergschouwburg liep de voorbije woensdag goed vol voor een rijk gevulde Startshow van de Poëzieweek.


De avond werd geopend met eregaste Ellen Deckwitz, de Nederlandse dichter die de eer te beurt viel dit jaar het Poëzieweekgeschenk te mogen schrijven, en die met alle égards werd aangekondigd door presentatrice van dienst Ella Michiels. Nu ja, eerst bracht Johannes is zijn naam (aka Johannes Verschaeve) de poëtische sfeer erin met zijn uitstekende gevoelige Nederlandstalige popsongs. Qua woordkunst zijn Verschaeve’s songteksten ook pareltjes om elk om beurten door een ring te halen.




Ellen Deckwitz, die ook stadsdichter is van Nederlands literaire hoofdstad, Amsterdam, startte daarna met een wervelende performance. Om deze performance af te kruiden had ze haar broer Dirk-Jan meegevraagd om daarbij de muziek te voorzien die er een belangrijk deel van uitmaakte.

Er waren de gedichten uit haar geschenkenbundel die eerst werd opgevat als een aanzet om mensen die het vertrouwen in de wereld verloren hebben, terug vertrouwen te doen krijgen om samen dingen te bereiken. Gaandeweg verwerkte Deckwitz er vooral liefdesgedichten in die ze begon te schrijven na zelf een moeilijke periode te hebben beleefd, en die het hebben over hoe je kan veranderen – groeien, zo je wil – als je een liefdesbreuk hebt meegemaakt. Die metamorfosen waren aangrijpend en herkenbaar, uit het leven gegrepen.





Toegankelijk ook zoals het Deckwitz als promotor van de poëzie betaamt die enkele boeken op haar conto heeft staan waarmee ze probeert de vrees van poëzie bij een breed publiek weg te nemen.

Ze las ook een essay voor over de invloed van artificiële intelligentie (A.I.) op de poëzie met een aantal plezante anekdoten, en gelukkig hier en daar vrolijke noten om het opgekomen publiek er in ieder geval niet mee plat te gooien. De andere aanwezige dichters kwamen toen op het podium want n.a.v. de speech over A.I. had de presentator over dit thema enkele vragen voorbereid om af te vuren. Dean Bowen, Robin Block, Evangeline Agape en Ruth Lasters mochten hier hun ei over kwijt, en lazen natuurlijk ook voor uit hun eigen werk, ieder in de eigen stijl.

Dean Bowen, vooral bekend als slam-poëet en ex-stadsdichter van Rotterdam, bracht scherpte en zijn onverwachte invalshoeken mee, Ruth Lasters haar ervaring en engagement in het sociaal-culturele leven, Evangeline Agape een ontwapenende eerlijkheid en een pas geschreven gedicht nadat ze een examen had afgelegd (ze studeert nog, vroedvrouw in wording!), en als laatste in dit rijtje Robin Block die zijn eigen ‘soundscape’ verzorgde.

Muziek was er overvloedig deze avond, waaronder je zeker het geweldige ritme en de dito melodie in de poëzie van Block mag meerekenen.

Als smaakmaker voor de te koop aangeboden poëziebundels die avond en de gelegenheid om met de dichters even te kunnen praten en hun handtekeningen te kunnen vragen, sloegen alle optredens met vlag en wimpel. Daarnaast kreeg je bij je aankoop die avond natuurlijk direct het wonderlijk mooie poëziegeschenk mee. Als je als poëzie-smuller, of beginnende -proever nog de gelegenheid hebt om een boekhandel binnen te springen deze week, laat je dan verleiden, snuister naar een bundel die je bevalt, en geniet van de poëzie! Niet alleen deze week, het hele jaar door!

Enkele poëzietips

15 februari 2026

Weduwenspek - Monika van Paemel

Een somber boek waarin feminisme aan bod komt door de tegenstelling en de dubbelzinnigheid te duiden

Weduwenspek Monika van Paemel - cover


Als eerste boek van Monika barones van Paemel ooit deze roman voorgeschoteld krijgen - dankzij de leesclub opnieuw - is geen sinecure om te behappen.


Weduwenspek is een zwaar en somber boek waarin we het verhaal leren kennen van Olivia. Zij moet afscheid nemen van de man waar ze een deel van haar leven mee heeft samengebracht, “Herr Gleicher”. (Mir ist es gleich = Het is me allemaal eender.) Dit leven herinnert Olivia zich levendig nu ze aan zijn bed gekluisterd is en tegen heug en meug de uren moet zien door te komen tot haar man gestorven is. Niet dat ze bij hem gebleven is, want jaren geleden heeft ze hem na vele ruzies, vernederingen, schuld- en schaamtegevoelens verlaten. Nu wil ze eigenlijk vooral dat hij naar haar luistert en zelfs begint te spreken omdat ze zijn reactie wil horen op haar verhaal hoewel hij in coma ligt. Toch komt het er niet van haar gedachten hardop uit te spreken omdat haar angst voor hem net te hard ingebakken is.

Via verwarrende flashbacks die in een associatieve stijl zijn neergeschreven, leren we hoe Olivia’s leven met deze narcistische vrouwen hatende man in de jaren ’60 en ’70, en die ooit haar professor was, er heeft uitgezien. Het is dan ook één lange jammerklacht over alle vernederingen die ze heeft ondergaan.

Als je dit boek grondig probeert te lezen en nadien ook in groep kan bespreken, kan je er wel heel wat uithalen qua feminisme. Naast het feit dat Olivia haar eigen werk heeft gecreëerd, een mode-atelier, heeft ze namelijk ook een vriendin, Lotte. Zij staat in alles voor een andere aanpak waar het partners aangaat en belichaamt wel de gewonnen seksuele vrijheid voor en door de vrouw tijdens de hippie-periode. Lotte beslist wél om losse relaties aan te gaan, en van de ene naar de andere te fladderen. Olivia gaat niet akkoord met de levensstijl van haar vriendin. Zij worstelt zowel met haar schaamtegevoel t.o.v. het huwelijk waarin ze wel gedwongen werd, maar evenzeer met het feit dat ze heeft geprobeerd dit te laten werken, haar plichten en verantwoordelijkheden wou opnemen en ze, mede door een grote kinderwens, alle daarbij komende vernederingen steeds ondergaan heeft. Ze is nog steeds woedend op hem en dient tegelijkertijd een soort van rouwperiode door te gaan.

Monika van Paemel stond zelf mee aan de wieg van de tweede feministische golf. Ze was ook een tijdje de voorzitter van Pen Vlaanderen, de organisatie die in Vlaanderen bestaat sinds 1930, en nog steeds opkomt voor de vrije meningsuiting, vrede, de mensenrechten en de veiligheid van auteurs en journalisten wereldwijd die bedreigd worden met vervolging, opsluiting, geweld en foltering door hun eigen onderdrukkende regimes.

Het verhaal overtuigt niet altijd even sterk en je moet echt wel doorbijten om er doorheen te raken. Toch is het inhoudelijk een boek om je tanden in te zetten, en werkt het ook enkele dagen door in je hoofd. De schrijfstijl en de taalrijkdom van de auteur zijn sowieso van zeer hoog niveau. Hier en daar ontwaar je ondanks de zwaarte zelfs humoristische observaties en beschouwingen. Het boek is gespekt met een grote afwisseling in scènes, innerlijke gedachtegangen en gesprekken met verschillende personages. Ten slotte wordt het geheel gedragen door een klassieke compositie met een eenheid van plaats, tijd en handeling, en aan het einde een deus ex machina in de vorm van een non die Olivia’s gemoed toch enigszins tot rust weet te brengen. De slotsom is dat deze roman de tijd en het studeerwerk waard is.

Titel: Weduwenspek
Auteur: Monika van Paemel
Uitgever: Querido
Jaar: 2013

11 februari 2026

Drijven - Myrthe van Velden & Lander Severins

Een pakkend en humoristisch verhaal in boekvorm net als in hun theatershows 


Drijven - Myrthe van Velden & Lander Severins cover


Soms spreiden artiesten hun gave van het woord over verschillende genres heen. Myrthe van Velden en Lander Severins zijn zo een duo. Al op jonge leeftijd mochten ze al proeven van het succes met maar liefst drie cabaretshows die een massa volk naar het theater hebben gelokt en hun nominatie in 2021 voor de Neerlands Hoop Cabaretprijzen.

Ze begonnen in huiskamers met hun eersteling “Lijmen”, die o.a. werd bezocht door een collega en mij op zijn beurt aanraadde om hen in het theater te gaan bezig zien. Lijmen was al uitgespeeld, maar na zelf van hun twee daaropvolgende shows “Broeden” en “Kroost” te hebben genoten, las ik nog niet zo lang geleden dit boek dat ze samen schreven over hun liefdesrelatie die ze hadden opgebouwd, sinds ze elkaar aan een theateracademie in het Nederlandse ‘s Hertogenbosch hadden leren kennen maar die na een aantal jaar ook was stuk gelopen. Zo eerlijk en kwetsbaar analyseren zowel Myrthe als Lander in dit boek heel publiekelijk wat hen bij elkaar bracht, maar ook wat hen daarna uit elkaar dreef in hun debuutroman.

Het is het relaas van een koppel dat halsoverkop verliefd werd op elkaar tijdens hun theaterstudies en beiden uit alle macht pogingen deden om hun relatie zo lang mogelijk te laten werken. De angst om de ander pijn te zullen doen en alleen verder te gaan is heel reëel en pakkend gebracht. Net als in hun shows wisselen ontroering en humoristische beschouwingen over het leven van alle dag elkaar af, van beide zijden. Bovendien moet het een kunst op zich zijn om zowel theatershows als zeker een roman die zo meeslepend is, met twee te kunnen schrijven. Het verder doen met elkaar als theaterduo terwijl ze als liefdesduo uit elkaar zijn, lukt hen wonderwel ondanks alle moeilijkheden die ze daarbij ondervinden, en daarvan vind je de neerslag terug in dit boek.

Het boek is doorspekt met knap gevonden beelden en zinnen die doorheen heel het boek geweven zijn en waardoor het vlot leest. Eigenwijs, een tikje koppig, het telkens opnieuw proberen, de angsten en twijfels die bij beiden de kop opsteken, navigerend in de liefde en het leven; je leert deze twee theatermakers beter kennen bij het lezen van dit herkenbare en eerlijke verhaal. Het is filmisch, of waarschijnlijk eerder in theaterscènes, geschreven. Denk daarnaast ook aan de prachtige Nederlandstalige liedjes die ze samen brengen, en dan hoop ik alvast dat ze samen nog lang verder zullen doen. En indien niet in boekvorm, dan toch zeker en vast in het theater! 


Titel: Drijven
Auteurs: Myrthe van Velden, Lander Severins
Uitgever: Vrijdag
Jaar: 2022

01 februari 2026

Achter de donkere wouden - Aleksandr Skorobogatov

Dit hartbrekende boek had nooit geschreven of gelezen mogen worden.


Achter de donkere wouden - Aleksandr Skorobogatov

Vorig jaar was ik op de voorstelling van dit boek en ondertussen heb ik het ook al een tijd geleden gelezen. De Witrussisch-Russische auteur Aleksandr Skorobogatov woont in Antwerpen en werkt al meer dan dertig jaar in België.

Zijn debuutroman Sergeant Bertrand bereikte wereldwijd miljoenen lezers, een aantal dat Belgische auteurs kan doen duizelen. In 2015 verscheen het ontzettend mooie Portret van een onbekend meisje , in 2017 het als in een roes geschreven Cocaïne en in 2020 het absurde hilarische boek De wasbeer. In 2024 ontving hij de Arkprijs van het Vrije Woord voor het publiekelijk aan de kaak stellen van het regime van de Russische president Poetin en diens voortdurende oorlog die Rusland voert in Oekraïne.

Nu is er weer een bijzonder boek, over het verlies van het meest dierbare voor deze auteur: zijn 15-jarige zoon Vladimir op een fatale nacht in Rusland in 2002. Dat Rusland had Skorobogatov verlaten nadat hij van de moeder van zijn zoon gescheiden was en naar Antwerpen was getrokken toen Vladimir 5 jaar oud was.

Vadimir is om het leven gekomen in één fatale nacht toen een groepje “hooligans” in opdracht van een Russisch-orthodoxe “priester” op zoek ging naar satanisten, volgens hem jongens van 13-14-15 jaar die samen optrekken en plezier hebben wat niet zou stroken met de strenge Russisch-orthodoxe kerk. Zonder enige reden zijn jongens door deze “sekte” ontvoerd, gefolterd en vermoord, en dit werd ook het lot van Vladimir. 

Skorobogatov probeert de daders van de moord op zijn zoon te begrijpen. De moordenaars kregen uiteindelijk 20 jaar gevangenisstraf, maar de priester in kwestie werd nooit bestraft wegens gebrek aan bewijslast. Vladimir werd het slachtoffer omdat hij samen met een vriend van hem werd aangevallen, die toen hij met een fles werd aangevallen en zijn evenwicht had verloren, sneller samen met de rest van de vriendengroep het donkere bos wist in te vluchten. Vladimir bleef staan, en Sacha blijft zich in zijn boek afvragen waarom en waarom.

Skorobogatov ging gebukt onder een schuldgevoel na dit verlies omdat hij zo lang geen contact meer had gehad met zijn zoon en hij er niet was om zijn zoon te redden van dit vreselijke lot. Het heeft 20 jaar geduurd vooraleer hij dit boek kon schrijven. In het besef de geliefde zoon niet meer tot leven te kunnen wekken, doet Aleksandr net dit voor zijn lezers door de brieven die hij met hem uitwisselt te delen, en hem zo ook terug dichter bij hem zelf te brengen.

Het deed de auteur op een of andere manier deugd, om zijn zoon terug bij hem te hebben en dat hij in een boek blijft verder leven. De ontstellende woorden die naar het hoe en het waarom zoeken, de gruwel beschrijven en tegelijkertijd dit ontzettende verlies en alle daarbij opduikende gevoelens op zulk een prachtige wijze uiten, blijft lang nazinderen bij iedereen die dit al las.

De opdracht van het boek luidt “Voor elk kind dat ons ontnomen is”. Als je daar even bij stilstaat in deze tijden…

Gelezen oktober-november 2025

Titel: Achter de donkere wouden
Auteur en vertaler: Aleksandr Skorobogatov
Uitgever: De Geus
Jaar: 2025

11 januari 2026

Gelezen oktober - december 2025

De 10 titels die ik las van oktober tot en met december 2025



Lessen - Ian McEwan, gelezen met de Merksemse Leesclub, mijn boekbespreking

Ik zal je schrijven - Nele Baplu, een warm aangeraden boekentip

Wat ons nog rest - Aline Sax (Boon Vakjuryprijs Kinder-en Jeugdliteratuur 2025), gelezen met de Merksemse Leesclub, een prachtig jeugdboek, een roman in verzen

De Wereld van De Wachter - Dirk De Wachter, een bib-boek, omdat ik al lang iets van de bekende psychiater wilde lezen 

In het niets - Jan Ducheyne en Simon Van Buyten, een gedichtenbundel dat samen werd afgeleverd met een lidkaart van de Partij voor de Poëzie. 

In het wit - Roderik Six, een van de mooiste en moeilijkste boeken van 2025

De 44 beste gedichten van de Herman de Coninckprijs 2025, diverse dichters uit Vlaanderen en Nederland

Achter de donkere wouden - Aleksandr Skorobogatov, een van de mooiste en moeilijkste boeken van 2025, niet vergelijkbaar met dat van Roderik Six. 

Atman!, een poëtisch kinderboek van Bart Moeyaert, prenten van illustrator Mark Janssen en waarop de gelijknamige familie-opera in het Nationale Opera en Ballet in Amsterdam is gebaseerd, door componist Leonard Evers. Alleen al goud waard omdat ik daar ook bij de premièrevoorstelling bij was! 

Roodvos - Peter Holvoet-Hanssen, een bundeling van alle vosgedichten van Peter HH, met daaropvolgend een nieuw hoofdstuk in het vossen-verhaal, opnieuw in nauwe samenwerking met zijn muze, eerste lezer en redactrice Noëlla Elpers. Geweldige poëzie, die je weer voor de helft begrijpt en voor 3/4de niet. Dat is niet logisch, en toch klopt het ongeveer. 😊

Schwalbe - Literatuur Vlaanderen, een literair tijdschrift verschenen in maart 2025 nav 25 jaar Literatuur Vlaanderen 

Populaire blogs